Kreta verkennen per drone (DJI Mavic Pro, 4k)

Eind februari was ik een weekje in Griekenland, op het eiland Kreta. Februari is een wat ongebruikelijke tijd om de toerist te spelen, want het weer is dan nog wat wisselvallig. Maar dit keer zat het mee. Met temperaturen van rond de 18 graden en een brandend zonnetje was het al voorzichtig t-shirt- en korte broeken-weer.

Normaal sleep ik naar iedere vakantiebestemming een uitgebreide cameraset mee. Dit keer was dat niet anders, ware het niet dat ik harde keuzes moest maken. Met enkel één tas handbagage konden er maar twee lenzen mee. En een laptop. En natuurlijk kleren. En een drone. Een drone? Ja, de enige serieuze drone die met gemak in iedere tas past, de DJI Mavic Pro. Deze heb ik vorig jaar oktober getest voor Tweakers en ik was bijna op slag verkocht. Niet omdat deze de allerbeste foto- en videokwaliteit biedt, maar omdat hij opklapbaar is en daardoor heel makkelijk overal mee naartoe te nemen in. Dat werd nogmaals bevestigd tijdens mijn verblijf op Kreta. Met zijn 734 gram is de Mavic net zo zwaar als een gemiddelde telelens en je merkt dus amper dat je hem bij je hebt. En hoe klein hij ook is, hij vliegt superstabiel.

In de video hierboven zie je een korte compilatie van verschillende beelden die ik die week heb gemaakt. Ik heb uiteraard meer materiaal, maar heb me beperkt tot een bepaalde variatie van bewegende beelden (hoewel stilstaand soms ook best mooi kan zijn). Mijn vlieg- en filmervaring is (vooral in combinatie) nog beperkt, dus valt er op de vloeiende bewegingen nog wel wat aan te merken. Ook heb ik me steeds aan de geldende wet- en regelgeving gehouden, dus heb ik het niet aangedurfd de drone 5km ver weg te sturen (wat hij volgens de specs haalt). Los van filmen heb ik uiteraard ook behoorlijk veel gefotografeerd (zie ook Instagram).

Voor mij is bevestigd dat een drone als deze een interessante aanvulling is voor het traditionele fotografen en filmen. Sterker nog, in mijn ogen is dit een nieuwe dimensie. Immers, je kunt ineens tientallen meters boven je hoofd fotograferen en legt daardoor perspectieven vast die je anders nooit kunt zien.

Van Canon 5D Mark III dslr naar Sony A7R Mark II systeemcamera

Ik heb het niet aan de grote klok gehangen, maar aangezien ik nog steeds reacties krijg op mijn blog van december 2014 (waar ik mijn aanstaande overstap min of meer aankondig), was een vervolg wel op z’n plaats. Sinds begin augustus 2015 ben ik overgestapt van een Canon 5D Mark III naar een Sony A7R II. Van dslr naar systeemcamera dus. Van optische zoeker, naar elektronisch. Van Canon lenzen naar Sony (hoewel… lees vooral verder). Mijn motivatie om over te stappen heb ik in mijn eerdere blog uitvoerig toegelicht, maar voordat ik mijn ervaring uit de doeken doe, nog even een korte terugblik.

Ik ben ruim 20 jaar Canon fotograaf geweest, ooit nog begonnen in de analoge tijd met een EOS 50E. Ik heb altijd met veel plezier Canon apparatuur gebruikt. Wat camera’s betreft ben ik digitaal begonnen met de D30, toen de 1D, toen de 20D, toen de 1D Mark III, toen de 5D Mark II en uiteindelijk sinds 2012 de EOS 5D Mark III. Die camera’s bevatten allemaal een stukje geschiedenis. De D30 was de eerste ‘consumenten’ spiegelreflex met een digitale sensor in plaats van een analoog rolletje film. Ik kocht hem in 2002 tweedehands voor 1000 euro!). Hoewel diens 3 megapixel-foto’s vandaag de dag weinig meer voorstelt, was de camera toch legendarisch. Voor het eerst was digitaal ‘betaalbaar’, althans ‘binnen bereik’. De resultaten konden direct bewerkt worden in Photoshop, zonder ze eerst in te hoeven scannen. Ik was hobbyfotograaf en ondanks mijn analoge ervaring een redelijke beginner. Dankzij de D30 ben ik toen enorm gegroeid. De overige camera’s hadden ook allemaal hun charme. De 20D maakte een enorme sprong wat betreft lichtgevoeligheid. Ik herinner me nog de woorden van Canon tijdens de persconferentie ‘iso 400 op de 20D staat gelijk aan iso 1600 op de 10D’. En het klopte! Met de 20D kon ik voor het eerst – met gestabiliseerde lenzen – uit de hand fotograferen in de schemering. Een openbaring! De 5D Mark II was een revolutie wat betreft video: 1080p hd met de professionele kwaliteit van een fullframe sensor (in 2008 he!). De 5D Mark III was een logisch vervolg met vele kleine verbeteringen. Maar toch was dat voor mij het begin van de stagnatie.

EXA-8655

Wat ik miste bij Canon

De 5D Mark II was echt een revolutie op videogebied. Waarschijnlijk ook tot Canon’s eigen verbazing. Ineens konden grote en kleine filmmakers betaalbare apparatuur en verwisselbare lenzen gebruiken voor een professionele productie die niet onderdeed voor de professionele, peperdure filmcamera’s. Maar sindsdien zijn er slechts kleine stapjes gezet en is Canon zich vooral gaan richten op het professionele videosegment met dslr-achtige camera’s. Waar vrijwel alle camerafabrikanten ondertussen een camera met 4k video in het assortiment hebben, stelt Canon officieel dat consumenten en prosumers nog geen behoefte hebben aan 4k. Je moet nu minimaal 8000 euro neerleggen voor een 4k camera van Canon!

Maar niet alleen op videogebied gaat het mis. De ontwikkelingen rondom systeemcamera’s worden bijna compleet genegeerd. Canon reageert uiterst traag op de innovaties van concurrenten en komt pas jaren later (of helemaal niet) met vergelijkbare features. De introductie van de EOS M systeemcamera was achteraf gezien het moment dat ik voor het eerst ging twijfelen of ik nog wel bij het juiste merk zat. Deze camera was tijdens zijn introductie al zo achterhaald dat hij wel gigantisch moest floppen. Dat deed hij ook, ware het niet dat Canon later de prijs (officieel 850 euro) significant heeft verlaagd, waardoor het toch nog een beetje ging lopen (en ook de extreem slome autofocus werd een beetje beter na een firmware-update).

Bij de concurrentie waren kantelbare schermen inmiddels standaard (en erg handig), de kitlenzen compacter en veelzijdiger (denk aan Powerzooms) en de elektronische zoekers steeds beter en een bijzonder handig hulpmiddel. Hoewel een optische zoeker in sommige gevallen, zoals sport en wildlife fotografie, nog steeds beter en handiger zijn, kent de elektronische zoeker enorme voordelen. What You See Is What You Get (WYSIWYG) bijvoorbeeld; je ziet nog voordat je de foto maakt exact hoe hij er uit komt te zien; te licht of te donker, te veel of te weinig scherptediepte, de juiste witbalans, stofjes op de sensor, enz. En wat te denken van een live histogram, een vergroting in de zoeker als je handmatig scherpstelt en iets als focus peaking? Met dat laatste kun je bijzonder makkelijk met de hand scherpstellen; de camera geeft visueel aan wat er scherp is – ook in het pikkedonker. Iedere handmatige lens is ineens een feest om mee te werken. En natuurlijk video! Een optische zoeker kun je niet gebruiken tijdens het filmen, zodat je op het kleine lcd-scherm moet gaan turen (al dan niet met hulpmiddelen). Maar bij een spiegelloze camera kun je de zoeker gewoon blijven gebruiken, inclusief snelle autofocus!

Maar ook de sensoren van Canon gingen me wat teleurstellen. De stap van de 5D Mark II naar de 5D Mark III was best goed, maar toch waren de RAW’s niet uitzonderlijk veel beter. Ondertussen gooide Nikon hoge ogen met de D800/D810 (met Sony sensor) die niet alleen een veel hogere resolutie bood dan de Canon camera’s, maar ook nog eens een beduidend beter dynamisch bereik. Het stelt je tijdens beeldbewerking in staat om meer uit de schaduwen en hooglichten te persen. Inmiddels heeft Canon de 5Ds (R) aangekondigd met 50 megapixels, maar aan de testresultaten kun je zien dat die camera heel goed is in één ding: resolutie. De rest is er niet of nauwelijks op vooruitgegaan.

Fullframe systeemcamera

Eind 2014 werd het me duidelijk dat Canon niet op korte termijn met interessante nieuwe camera’s zou komen. Geen (optionele) evf, geen kantelbaar scherm op een fullframe camera, geen betere sensor, geen 4k videofunctie, enz. De EOS M3 heeft weliswaar in 2015 eindelijk een aardig serieuze systeemcamera opgeleverd (die overigens nog steeds achterloopt op de concurrentie), maar met slechts effectief vier beschikbare lenzen kom je niet erg ver. Een systeemcamera met fullframe-sensor lijkt nog ver weg. Canon zal een compleet nieuwe lens line-up moeten ontwikkelen en dat vergt een enorme investering (en veel tijd). Bovendien zal dit zeker tot kannibalisatie bij de bestaande line-up leiden en dat was steeds de reden waarom Canon geen serieus werk van systeemcamera’s heeft gemaakt. De verkopen staan echter onder druk, dus vroeg of laat moet er iets gebeuren. Ook aan recente marktcijfers is nu te zien dat de dslr-markt onder druk staat en de high-end systeemcamera’s nu echt serieuze concurrentie vormen.

Omdat ik zeer gehecht was aan fullframe, was er eigenlijk slechts één serieuze optie voor de overstap: Sony. Ik heb ook Fujifilm overwogen, mede vanwege de goede bodies en uitstekende sensor, maar terug naar aps-c had om meerdere redenen niet mijn voorkeur. Sony timmert sinds 2013 serieus aan de weg met haar fullframe A7 systeemcamera’s die voor drie doelgroepen gemaakt zijn: prosumers (A7 en A7 II), filmers (A7S en A7S II) en allround fotografen die meer resolutie vereisten (A7R en A7R II). Ik heb serieus gedacht aan de A7 II, maar de stap ten opzichte van de 5D Mark II zou dan niet groot genoeg zijn. Ik wist dat er na de A7 II een opvolger van de A7R zat aan te komen, dus dat was de meest voor de hand liggende optie. De A7R zelf had ik eerder getest en dat was weliswaar een mooie camera, maar toch met wat tekortkomingen. Zo had deze camera een enorm luide sluiter, terwijl ik net zo verknocht geraakt was aan de stille stand van de 5D Mark III. En de A7 II was uitgerust met een gestabiliseerde sensor (IBIS), waarmee iedere lens die je op de camera schroeft gestabiliseerd wordt. Dus ook veertig jaar oude primes!

EXA-8653

Sony A7R Mark II

Toen in juni de Sony A7R Mark II aangekondigd werd, wist ik meteen dat dit de camera was waar ik op zat te wachten. Mijn verwachtingen werden zelfs overtroffen. Niet alleen waren alle voor de hand liggende updates toegevoegd (betere body, IBIS, grotere zoeker), er waren ook grote vernieuwingen: de 42 megapixel-sensor was een compleet nieuw ontwerp, het autofocussysteem was helemaal op de schop gegooid (399 af-punten in bijna het hele zoekerbeeld!), een volledig stille stand was present en kon hij serieus goed filmen… in 4k! Door dat de PDAF autofocus extreem verbeterd was, was de camera zelfs zo snel geworden dat hij met behulp van een Metabones-adapter overweg kon met Canon lenzen – met autofocus! Daarover later meer. Iets dat overigens wel slikken was, was het prijskaartje. De A7-serie stond juist bekend om de relatief scherpe prijzen voor je krijgt. Zo was de A7R beduidend goedkoper dan de Nikon D800/D810 en kon de A7 II prima concurreren met de goedkoopste fullframe dslr’s van Canon (6D) en Nikon (D610) en was hij op veel fronten zelfs beter. De allereerste A7 is trouwens nog steeds te koop en is met afstand de goedkoopste fullframe-camera van dit moment (<€ 999). Het prijskaartje van de A7R II was dus fors hoger dat de A7R, maar door de vele verbeteringen was dat het zeker waard. De prijs was overigens alsnog gelijk als wat ik destijds voor de Canon 5D Mark III betaald had.

Wat bevalt er?

Ik heb de camera nu enkele maanden in bezit en er ondertussen ook van alles mee gefotografeerd. Van een bruiloft tot en met concerten, astrofotografie, voetbalwedstrijden, architectuur en landschappen. Een korte vakantie heeft eveneens veel praktijkervaring opgeleverd, al moet een grote reis nog komen. In de basis voldoet de camera helemaal aan de verwachtingen, al zijn er natuurlijk ook minpunten (zie verderop). Met die minpunten was ik overigens al redelijk bekend, aangezien ik in het recente verleden meerdere A7-camera’s heb getest. De grootste vooruitgang is te merken aan de beeldkwaliteit. De 42-megapixel-bestanden zijn werkelijk op alle vlakken beter dan die van de 5D Mark III. Niet alleen is de scherpte en de ruimte om te kunnen croppen enorm toegenomen, ook het dynamisch bereik van de sensor en de prestaties op hoge iso’s zijn bijzonder indrukwekkend. Dat alleen was eigenlijk al voldoende reden om over te stappen. De bediening van de camera is even wennen. De ergonomie van Canon is absoluut beter, ook omdat de camera wat groter is en meer ruimte heeft voor grote knoppen. Maar de A7R II laat zich na gewenning prima bedienen. Vooral ook omdat alle knoppen programmeerbaar zijn; je kunt werkelijk alles naar eigen wens indelen en daarvan meerdere profielen bewaren. Dat heb ik dan ook gedaan en nu kan ik de meeste functies blind vinden. Ik heb een batterygrip gekocht voor momenten waarop meer volume handig is. Bijvoorbeeld wanneer er een grote lens op de camera zit of ik veel in de portretstand ga fotograferen. Ook de accuduur komt dat ten goede. De camera kan dus compact zijn om mee te nemen, maar ook groot als dat prettiger is.

sony-a7rii-canon-nikon

De Sony A7R II, de Canon 5Ds R en de Nikon D810 – alledrie met een 16-35mm f/4 objectief

Het klassieke systeemcamera-voordeel gaat trouwens ook op. De omvang van de camera is beduidend kleiner dan die van een dslr – ook inclusief lens (zie de eerdere foto). Ik hou er regelmatig een dslr-set naast, of zelfs een andere systeemcamera of bridgecamera en dan is de set echt behoorlijk compact te noemen. Het gaat hier natuurlijk wel om een fullframe-camera, dus de best mogelijke kwaliteit die er te krijgen is. In vergelijking met aps-c of mft-systeemcamera’s is de set (en dan vooral de lens) meestal wel wat groter en zwaarder. Wat ik tegenwoordig veel vaker doe dan vroeger is mijn camera meenemen in een reguliere rugzak (dus geen fototas). Daar passen ook heel wat andere zaken in, wat vooral handig is als je een dagje in een hotel moet verblijven. De A7R II met lens past er probleemloos in en een extra lensje is ook prima mee te nemen. Bij de 5D III ging dat beduidend minder makkelijk, want de tas zat dan direct vol en plaats voor extra lenzen was er nauwelijks. Ook het lagere gewicht is duidelijk merkbaar.

EXA-8675

De A7R II met Canon 15mm f/2.8 fisheye en Metabones-adapter

De autofocus van de camera is echt enorm vooruitgegaan ten opzichte van de andere A7 camera’s. Tracking is zo indrukwekkend dat hij ook prima voor sport gebruikt kan worden. Er zijn alleen heel veel opties voor veel verschillende situaties waardoor je soms even moet schakelen. Een unieke feature is trouwens ‘oog autofocus’. De camera detecteert dan de ogen en stelt daarop scherp – iets dat dslr’s niet kunnen vanwege de spiegel. Het is bijzonder handig bij portretfotografie, zeker als je met beperkte scherptediepte werkt.

Zoals benoemd had de sterk verbeterde PDAF nog een ander voordeel. De A7R II kan ook goed overweg met veel Canon lenzen. De Metabones adapter, waarmee je Canon lenzen met autofocus kunt gebruiken, bestaat al een paar jaar, maar was tot nu toe uiterst sloom door het gebruik van contrastdetectie. Een seconde of twee wachten voor de juiste focus was geen uitzondering. Dat maakt de camera wel geschikt voor statische situaties, zoals landschappen, maar verder eigenlijk niet. Dat is nu echt anders. Dankzij 399 fasedetectie af-punten functioneren veel Canon vrijwel hetzelfde als op een Canon body (alleen in low-light worden ze wat trager). Overigens werken niet alle Canon lenzen, maar bij iedere Metabones firmware-update worden dat er meer. De meeste moderne L lenzen werken prima en ook veel moderne third party lenzen (zoals Sigma’s Art-lijn) functioneren goed.

Ik had van te voren al veel Canon lenzen verkocht en daar heb ik achteraf wel wat spijt van. De 24-105mm f4 L is een mooie walkaround, ook al is hij optisch niet foutloos. En ik heb echt spijt dat ik mijn 135mm f/2 L verkocht heb (overigens nog in de tijd dat de autofocus nog niet werkte; na een Metabones firmware-update werkt het nu wel). Ik heb momenteel nog een Canon 40mm f/2.8 pancake, 100mm f/2.8 1:1 macro en een 15mm f/2.8 fisheye en die functioneren allemaal prima op de Sony.

De ingebouwde stabilisatie in de body maakt de camera enorm veelzijdig. Veel Sony lenzen hebben hun eigen stabilisatie, maar die werken ook prima samen met de sensor shift-stabilisatie (IBIS) van de body, zodat het beeld over vijf assen gestabiliseerd wordt. Het beste van beide werelden dus. Tegelijkertijd zijn alle primes ook gestabiliseerd, waardoor je uitzonderlijk lage sluitertijden uit de hand kunt halen. En het werkt dus ook met oude handmatige lenzen, waar ik er eveneens een paar van heb.

De nieuwe ‘stille stand’ van de EOS 5D Mark III was destijds een van de redenen om mijn 5D Mark II te dumpen. Ik had mij geërgerd aan de luide spiegel van de 5D Mark II (vooral in situaties waarbij het eigenlijk stil moet zijn, zoals in een kerk, bruiloft, begrafenis of akoestisch concert). Helemaal stil was de 5D III niet, maar je had er zeker geen last meer van. De A7R II heeft ook een stille stand. Deze werkt elektronisch, dus je hoort dat echt helemaal niets – 100% stil. Je kunt daardoor heel onopvallend fotograferen – heel handig voor straatfotografie. Ik heb een knop geprogrammeerd waarmee ik snel kan overschakelen van de normale naar de stille stand. De normale stand heeft nog steeds nut, want voor bepaalde zaken (zoals flitsen en burst) is een sluiter vooralsnog nog steeds noodzakelijk.

En verder? Het kantelbare scherm is erg fijn en stelt je als fotograaf in staat om vanuit lastige hoeken te fotograferen, terwijl je goed zicht op de compositie houdt. Die had ik graag op een 5D-achtige body gezien… De evf vind ik ondertussen een verademing om mee te werken. In veel gevallen merk ik niet eens meer dat ik naar een schermpje kijk. Met een 0,78x vergroting is het zoekerbeeld nog groter dan dat van een Canon 1D X en dat kijkt echt heel fijn. En ik zou niet meer zonder WYSIWYG willen fotograferen en filmen. Ik moet daar wel bij zeggen dat dit persoonlijk is. Ik ben een allround-fotograaf en ben er beroepsmatig niet van afhankelijk. Ik doe weinig sport en wildlife (en hoef dus niet uren door de zoeker te turen in afwachting van dat ene hert). Ik kan me voorstellen dat sommige fotografen liever een ovf hebben. Aan de andere kant ben ik er van overtuigd dat over tien jaar meer dan 90% van de camera’s een evf heeft. De spiegel heeft echt z’n langste tijd gehad – de voordelen wegen niet meer op tegen de nadelen, zeker niet als evf’s nog beter worden. Eén simpel voorbeeld dat dit illustreert: bij een dslr zitten alle autofocuspunten in het midden en zijn ze niet over het hele beeld verspreid (zoals bij de A7R II en de Samsung NX1). Een andere bottleneck is we aan de grens zitten van de snelheid van het opklappen van de spiegel (de Canon 1D X en de Nikon D5 halen weliswaar 14 fps, maar dat is met mirror lock en eenmalige autofocus). En een ander voorbeeld is natuurlijk video, al filmt lang niet iedereen met z’n dslr.

 

EXA-03313 EXA-00912 EXA-00108 EXA-

Wat bevalt er minder?

Nadelen zijn er uiteraard ook. Zoals de ergonomie van de body, al is dat met een externe grip redelijk goed te compenseren. Ik mis het ondertussen niet meer, op het handige joystickje van Canon na. Een van de grootste minpunten is de beperkte accuduur van alle A7 camera’s. Dat komt doordat ze de kleine accu’s van de NEX-camera’s gebruiken (de aps-c lijn van Sony, die tegenwoordig ook onder de Alpha vlag valt). Met de 5D Mark III kon je bijna 1000 foto’s achter elkaar maken (en op de 1D zelfs 2200). Bij Sony blijf je steken op circa 300 tot 400 shots. Met een batterijgrip verdubbelt dat en valt het verschil alweer mee. Bovendien zijn de accu’s dankzij hun omvang ook makkelijk mee te nemen (en wat Sony beter doet: de contacten zijn afgeschermd).

Het menu is een ander heikel punt. Wie de indeling bij Sony bedacht heeft, weet ik niet, maar hij of zij fotografeert zelf waarschijnlijk niet fanatiek. Een camera als de A7R II heeft bijzonder veel opties en die zijn dan ook over verschillende menu’s verspreid. Welk menu je moet hebben is totaal niet intuïtief. De autofocus-opties staan bijvoorbeeld niet bij elkaar, maar zijn verspreid over verschillende menu’s, waardoor je nooit weet welk menu je nu moet hebben en voor een bepaalde optie al snel een tijd aan het zoeken bent. Wat is ook mis is een Canon-menu als ‘My menu’, waarin je zelf de meest gebruikte opties kunt samenbrengen. De uitgebreide customisatie-mogelijkheden van de A7R II maakt het uit de kluiten gewassen menu wel een beetje goed. Ik heb de belangrijkste opties nu onder de vele knoppen ondergebracht en ook het functiemenu is zelf in te delen. Maar laatst gebeurde er iets grappigs: tijdens de introductie van de A7S II (in de basis dezelfde camera) was ik even compleet de weg kwijt, omdat die camera niet mijn vertrouwde indeling had.

Verder is het erg jammer dat de camera geen aanraakgevoelig scherm heeft. Consumentencamera’s hebben dit wel. Dat is erg handig om een focuspunt te kiezen, zonder dat je diverse malen op knopjes moet drukken. Je tikt gewoon op het onderwerp en klaar. Vooral tijdens het filmen is dit een enorme uitkomst – je kunt dan vloeiend de focus laten overgaan van het ene naar het andere onderwerp. En het programmawieltje heeft nu ineens een lock-knop, waardoor je die moet indrukken als je van modus wilt wisselen. Volstrekt onnodig wat mij betreft, want het wieltje steekt niet uit en zit in het midden van de camera. Nu gaat het wisselen extra moeizaam.

Verder kun je de compatibiliteit met Canon lenzen natuurlijk niet Sony verwijten, maar toch is het iets waar Canon fotografen rekening mee moeten houden. Sommige lenzen werken uitstekend, andere lenzen werken niet of matig. Bij slecht licht wordt het ook een beetje tricky, al is het zeker werkbaar. De Metabones-adapter heeft bovendien soms kuren, wat overigens niet vreemd is omdat het Canon signaal naar Sony communicatie moet worden vertaald. Dat uit zich soms in het plots verdwijnen van de autofocus (even aan- en uitzetten is dan voldoende). Als je van plan bent om alleen met Canon lenzen te fotograferen zou ik dat niet aanraden. Dan ben je te afhankelijk van de grillen van de Metabones. Bovendien is er nog een andere reden: de Sony FE lenzen zijn over het algemeen compacter en ondersteunen ook meer autofocus-functies.

Dan komen we op het laatste nadeel: de lenzen. Met 12 stuks op dit moment, evenals een groeiend third party aanbod van Zeiss en Voigtlander, is er best wel wat keus, maar er moet echt nog meer bij. Meer primes, maar ook meer zooms. Zo zijn f/2.8 zooms op het moment van schrijven nog niet beschikbaar. Overigens kunnen er elk moment acht nieuwe Sony FE lenzen worden aangekondigd en dan kan alles er heel ander uitzien. Feitelijk wordt de line-up met 20 officiële lenzen (en dan nog de third party’s) dan al vrij compleet. Zeker omdat je dus ook een reeks Canon en Sigma lenzen kunt gebruiken, evenals Sony A-mount lenzen (Sony/Sigma/Tamron). Een laatste minpunt op dit vlak is dat de Sony FE lenzen behoorlijk aan de prijs zijn. De meeste lenzen, zoals de 55mm f/1.8 zijn optisch dan weliswaar juweeltjes, je betaalt er veel meer voor dan bij Canon en Nikon. Het hopen is dus op meer third party-aanbod, want concurrentie is goed.

Andromeda-v6_ILCE-7RM2_Andromeda DSC03691_ISO 800

Een foto van het Andromeda sterrenstelsel, gemaakt met de A7R II met Samyang 85mm f/1.4 op f/2 (crop)

Toekomst

De overstap is nu dus achter de rug en in de basis ben ik meer dan tevreden. Ik heb echter nog niet zo’n veelzijdig aantal lenzen als in mijn Canon tijd. Een Canon 100-400mm equivalent is er niet, al is de Sony 70-400mm A-mount wel een theoretische optie. Mijn langste telelens gaat nu tot 240mm en dat is voor mijn doen toch wat kort. Begin 2016 zal er dus een serieuze telelens komen, zij het van Sony zelf of een met een Sony A- of Canon EF-mount (ik denk hardop over de Tamron 150-600mm). Verder mis ik nog een goede walk-around lens. De Sony FE 24-70mm f/4 stelt optisch wat teleur voor het prijskaartje en f/4 is niet heel bijzonder. Er schijnt een f/2.8 versie aan te komen, maar die zal ongetwijfeld groter, zwaarder én duurder worden.

Persoonlijk ben ik tevreden met mijn overstap. Het werken met een evf heeft mijn sterke voorkeur gekregen, ook omdat ik daarmee veel sneller en beter kan zien of een foto goed scherp is (al kijken mensen wel wat raar als ik foto’s terugkijk in de zoeker). Als ik foto’s met lastige lichtomstandigheden in Lightroom bekijk, ben ik iedere keer weer enthousiast over het dynamisch bereik van de sensor. Je kunt nu veel makkelijker een HDR uit een enkele foto persen. De RAW bestanden zijn met 40 MB aan de grote kant (uncompressed zijn ze zelfs 80 MB) en dat is trouwens wel te merken aan Lightroom. Op mijn 3,4 GHz i7 kost het inladen van foto’s beduidend meer tijd dan de 22 MB RAW’s van de Canon 5D Mark III. Verder is de resolutie een mooie sprong voorwaarts en biedt ontzettend veel ruimte om te croppen. Ik vermoed dat dit voldoende is om de komende vijf jaar door te komen. Tegen die tijd zal 120 megapixels beschikbaar zijn, maar het is de vraag of dit voor een niche is of een grote groep.

Overstappen van een dSLR naar een systeemcamera

Deze laatste maand van het jaar is het onmogelijke gebeurd. Na 20 jaar Canon-gebruiker te zijn geweest, heb ik m’n spiegelreflex verkocht. Een Canon EOS 5D Mark III met 16-35 f/2.8 L, 24-105 f/4 L IS en Speedlite 580EX II. Oh ja, en 128 GB aan CompactFlash-geheugen, want daar heb ik toch niets meer aan. Mijn volgende camera bestaat op dit waarschijnlijk moment nog niet, maar ik weet één ding zeker: het wordt een systeemcamera. Waarom? Dat zal ik in deze blog uitgebreid uitleggen.

20 jaar Canon

Tja, het is best wat. Na 20 jaar Canon DSLR’s nu cameraloos. Nou ja, niet helemaal, want ik heb nog een ‘oude’ APS-C systeemcamera en op Marktplaats voor een prikkie een Canon 40D gescoord om de overgebleven apparatuur nog even te kunnen gebruiken. Ik heb namelijk nog een Canon 100mm f/2.8 macrolens en de befaamde Canon 135mm f/2.0 L. Die laatste is perfect als je met beperkte scherptediepte wilt werken en in combinatie met de 1,4x en 2x extenders wordt het een 380mm f/5.6 telelens. Deze lenzen heb ik bewust nog niet verkocht, omdat ik ze via adapter kan blijven gebruiken op een toekomstige camera.

Mijn eerste Canon dSLR kocht ik in 1995, in het analoge tijdperk. Het was een destijds best geavanceerde EOS 50E met autofocus via je ogen. Aan het eind van het decennium kwamen de eerste digitale camera’s en ik kon niet wachten tot die betaalbaar werden. Dat moment kwam min of meer in 2000, met de introductie van de EOS D30, hoewel hij op dat moment toch nog buiten bereik was. Eind 2002 kocht ik ’em tweedehands: € 1000 voor 3 megapixels! Daarna volgden nog veel camera’s, zoals onder andere de 20D, de eerste 1D, de 1D Mark III, de 5D Mark II en ten slotte de 5D Mark III.

Enkele jaren terug had ik al afscheid genomen van twee mooie telelenzen, de 100-400mm f4.5-5.6 L IS en de 70-200mm f/2.8 L IS. De reden? Ze waren gewoon te groot en te zwaar. Ik merkte dat ik ze steeds minder vaak meenam. Eerst vloog de 100-400 er uit, later de 70-200. De 135mm f/2.0 L bood met een extender hetzelfde bereik, maar was een stuk compacter.

De reden dat de tele’s er aan moesten geloven, bleek een voorbode te zijn van mijn toekomstige voornemen. Ik ga regelmatig naar het buitenland (meestal voor slechts een paar dagen, soms ook langer) en iedere keer was het weer de vraag; wat neem ik mee? Welke tas, waar kleren, een laptop en camera-apparatuur in past. Maar vooral; welke camera en lenzen. Meer dan tien jaar geleden heb ik ooit eens de fout gemaakt om mijn fantastische camera-apparatuur thuis te laten en een leencompactje mee te nemen naar San Francisco. Die compactcamera was voor zijn tijd niet slecht, maar bij thuiskomst was ik teleurgesteld over de kwaliteit. Het Sail-equivalent van San Francisco was bezig en de kans dat ik dat nog een keer zo zien was praktisch nihil. Zonde! Sindsdien ging mijn dSLR met enkele lenzen altijd mee, ook al betekende dat ik een extra tas van 10 kg ten alle tijden met me meesjouwde. Geen compromissen meer wat betreft beeldkwaliteit!

Schermafbeelding 2014-12-29 om 15.37.26

beeld: camerasize.com

Introductie van de systeemcamera

In de periode 2008, 2009 en 2010 verschenen de eerste systeemcamera’s van respectievelijk Panasonic, Olympus en later ook Sony en Samsung. De eerste exemplaren hadden wel wat onvolkomenheden, maar er was één bijzonder groot pluspunt: de gebruikte sensoren waren even groot als die in de eerdere DSLR’s van deze fabrikanten. Dus de beeldkwaliteit was identiek. Dat was een interessante gedachte: dezelfde beeldkwaliteit, maar dan in een compact jasje. De nieuwe cameramodellen vereisten ook nieuwe lenzen, want door het ontbreken van een spiegel was de afstand tussen sensor en lens een stuk kleiner. Het was bovendien een mooie gelegenheid om meer compacte objectieven te ontwerpen. Dat lukte niet in één keer, maar na enkele jaren kwamen er kitlenzen waarvan de individuele lenselementen in de uit-stand op elkaar gepropt werden, waardoor ze zéér compact werden. De nieuwe systeemcamera’s waren voor Olympus, Panasonic en Samsung de reden om volledig te stoppen met hun spiegelreflexcamera’s.

Innovatie

Het tijdperk van de systeemcamera bleek te leiden tot meer innovatie. Eindelijk gebeurde er weer wat in cameraland, terwijl er bij spiegelreflexcamera’s amper vernieuwing was, op het opvoeren van de specs na. Wat voor innovatie? Scherpstellen via de sensor in plaats van de spiegel bijvoorbeeld. Aanvankelijk op basis van contrastdetectie, maar later ook via geïntegreerde fasedetectie-diodes op de sensor. Contrastdetectie was overigens al flink sneller geworden op de systeemcamera’s, terwijl dezelfde techniek (tijdens live view en video) bij Canon en Nikon nog jarenlang niet vooruit te branden was. Kantelbare schermen werden langzamerhand standaard op vrijwel alle systeemcamera’s, wat meer mogelijkheden biedt voor een creatieve compositie vanuit een lastig standpunt. Bij spiegelreflexcamera’s blijft dit nog steeds beperkt tot enkele modellen. ‘Dat willen we ook helemaal niet’ en ‘het gaat ten koste van een robuuste body’ claimden dSLR-bezitters lange tijd, tot Nikon dit jaar met de D750 het tegendeel bewees en het enthousiasme toenam.  De multifunctionele flitsschoen werd geïntroduceerd en is ondertussen op de meeste systeemcamera’s te vinden. Je kunt daar niet alleen een externe flitser op monteren, maar ook bijvoorbeeld een microfoon of een elektronische zoeker (evf). En er verschenen ook steeds meer modellen met een ingebouwde elektronische zoeker. 

Elektronische zoeker (evf)

Zo’n elektronische zoeker heeft voor- en nadelen. In veel gevallen is een optische zoeker (ovf) nog steeds superieur, maar een evf heeft absoluut grote voordelen. Je ziet vooraf exact hoe je foto gaat worden en kunt dus direct anticiperen op een verkeerde belichting of witbalans. Ook kun je inzoomen op het beeld om te kijken of de scherpstelling goed is. En over scherpstelling gesproken: focus peaking is echt briljant, want daarmee zie je heel precies welk deel van de composite in-focus is. Met name voor video en handmatige lenzen biedt dit grote voordelen, maar het is ook heel handig als je de scherpstelling heel nauwkeurig wilt afstemmen (bijvoorbeeld op de ogen van een persoon). En over video gesproken: bij een dSLR ben je verplicht tijdens het filmen op het lcd-scherm te kijken. Tenzij je een loupe gebruikt is de scherptediepte daarop minder goed te bekijken dan via een evf. Maar nadelen zijn er ook natuurlijk. Het gebruiken van een ovf gaat niet ten koste van de accuduur. En de optische zoekers op de high-end dSLR’s bieden meer oplossend vermogen dan de beste OLED evf’s. Die evf’s zijn best van goede kwaliteit (en niet te vergelijken met de goedkopere varianten), maar er is een nieuwe generatie nodig om de kwaliteit verder omhoog te krijgen (zoals het dynamisch bereik en het detailniveau).

Overwegingen

Waarom overstappen op een systeemcamera? Vooral omdat de dSLR zich mijn inziens op een dood spoor bevindt. De innovaties bij systeemcamera’s hebben bewezen dat de spiegel niet noodzakelijk meer is. De autofocus ontloopt de mainstream dSLR’s niet meer; systeemcamera’s stellen razendsnel scherp en zijn ook prima in tracking. Ze hebben zelfs een extra voordeel. De scherpstelpunten van een dSLR worden bepaald door een speciale autofocus-sensor en ze zitten allemaal redelijk in het centrum van het beeld. Die beperking geldt niet voor een systeemcamera. Onder andere de Samsung NX1 heeft bewezen dat de beeldinformatie van de gehele sensor kan worden gebruikt en snel ook. Systeemcamera’s die 10 tot 15 foto’s per seconde kunnen schieten zijn al lang geen uitzondering meer. Het werken met een evf, tijdens het testen van diverse camera’s, heeft me positief verrast. Ik zie veel duidelijk welk deel van de foto scherp is (mede dankzij focus peaking) en ook filmen is een verademing met een evf. Ook het feit dat je in een elektronische zoeker veel meer informatie kwijt kunt (zoals een histogram en zoomfunctie) en dat de informatie mee kan kantelen, is een voordeel. En verder heeft fotograferen met een kantelbaar scherm me altijd aangesproken, vanwege de flexibiliteit en creativiteit die dit biedt. Het aantal dSLR’s met zo’n scherm is op één hand te tellen. De meer compacte body en objectieven van systeemcamera’s zijn ook een groot voordeel. Dezelfde kwaliteit, maar dan compacter en lichter.

canon_eos_m_white_1855mm_kit

Canon en Nikon

Wat ook mee heeft gespeeld met mijn overwegingen is de koers van Canon en Nikon. Nikon is van de twee het meest innovatief, maar beide fabrikanten zijn erg conservatief en lijken zich vooral te laten leiden door de verkoopcijfers. Zo lang de verkopen relatief goed gaan, zal er niets veranderen. Het doet me denken aan Kodak, de uitvinder van de digitale fotografie, die ten onder ging aan het te laat inspelen op de marktomstandigheden. Of aan papieren tijdschriften, die verwachten dat ze niets te duchten hebben van websites en ebooklezers. Aan mobiele telefoons met een toetsenbord in plaats van een touchscreen (ook een touchscreen werd ooit weggehoond omdat een echt toetsenbord beter was). Ergens hebben Canon en Nikon overigens wel gelijk: nog geen kwart van verkochte camera’s met verwisselbare lenzen zijn systeemcamera’s en hoewel de verkopen van dSLR’s dalen, verkopen ze er nog voldoende om niet ernstig ongerust te hoeven worden. Maar wat ontbreekt is toekomstvisie: de systeemcamera lijkt nu echt door te breken. De consument ziet steeds minder het verschil tussen een dSLR (die een historisch voordeel heeft) en een systeemcamera en er is een steeds groter aanbod van camera’s en lenzen.

De beide pogingen die Canon en Nikon hebben genomen op het gebied van systeemcamera’s waren ronduit teleurstellend. Canon kwam met de EOS M die wat betreft features ook drie jaar eerder op de markt had kunnen komen. Het leek er op alsof men totaal niet naar de innovatie bij de systeemcamera’s had gekeken: geen kantelbaar scherm, geen multifunctionele flitsschoen, geen (optionele) evf, geen fasedetectie-diodes op de sensor, geen compacte kitlens en slechts twee lenzen (nu vier). En een oertrage autofocus! En daar durfde men toen € 849 te vragen. Het was dan ook niet vreemd dat die camera enorm geflopt is (momenteel ligt de prijs zo laag dat er nog wel wat verkocht worden) en dat diens opvolger vrijwel niet buiten Japan is uitgebracht.

Nikon_1_V3_10_30_PD_frt34lNikon deed het wat betreft innovatie een stuk beter met een compleet nieuw systeem rondom een 1 inch-sensor. Zowel de camera als de lenzen waren daardoor zeer compact en men maakte ook serieus werk van het uitbrengen van nieuwe lenzen. Vooral de autofocus van de Nikon 1-serie was revolutionair dankzij de integratie van een groot aantal fasedetectie-diodes op de sensor. En er waren direct ook meerdere modellen, zodat de consument iets te kiezen had. Maar de grote achilleshiel is de relatief kleine sensor. Deze zal het altijd verliezen van de grotere MFT en APS-C sensor (laat staan fullframe) op het gebied van scherpte, ruis, dynamisch bereik en natuurlijk scherptediepte.

Beide marktleiders hebben zich vermoedelijk laten leiden door zelfbehoud. De groeicijfers van systeemcamera’s waren nog niet overtuigend en men wilde koste wat kost niet de eigen camera’s dwars zitten. Kannibalisme voorkomen dus. Dat doe je dan met een product dat inferieur is aan je bestaande productlijn. Als dat het doel was, dan zijn ze daarin geslaagd. Wat echter ontbreekt is toekomstvisie. Wat wil de consument over vijf jaar? Blijft er noodzaak voor een spiegel? Is een evf niet interessant voor een bepaalde doelgroep? Wat kunnen we leren van de concurrentie? En waarom durven Canon en Nikon niet te experimenteren met nieuwe typen camera’s? Vanwege het gevaar op een flop en omdat ze hun bestaande producten niet willen kannibaliseren, maar dat lijken mij niet de juiste redenen. Waarom heeft Canon ondertussen geen EOS M uitgebracht die zich wel kan meten met een dSLR? En waarom komt Nikon niet alsnog met een systeemcamera met APS-C sensor? Of fullframe.

Olympus, Panasonic, Sony, Samsung of Fujifilm?

Als Canon en Nikon niet het juiste aanbod bieden, welke fabrikant dan wel? Dat is een moeilijke vraag, ook omdat het aanbod zeer divers is. Bovendien is het zeer persoonlijk. Het is makkelijker om te stellen wie er wat mij betreft afvallen. Allereerst is dat Samsung. Hoewel zij met de NX1 een droom van een camera hebben gemaakt die zich op alle vlakken kan meten met een dSLR, vind ik het aanbod van lenzen (en accessoires!) veel te beperkt en ook te duur. Panasonic en Olympus zijn bijzonder innovatief en maken uitstekende camera’s. Ik zou allang voor één van beiden gevallen zijn als ze geen MFT-sensor gebruikten. Die heeft namelijk twee grote nadelen. Ten eerste is de sensor beduidend kleiner dan een gangbare APS-C sensor, wat betekent dat je altijd achterop zult lopen wat betreft resolutie, dynamisch bereik, ruis en scherptediepte. En ten tweede is het formaat 4:3, wat totaal niet aansluit op de breedbeeld-trend. Foto’s zijn daardoor nogal vierkant in plaats van het gangbare 3:2 (of 16:9). Dat betekent dat je pixels verliest als je omschakelt naar 3:2 en de sensor dus effectief nóg kleiner wordt. Ik heb met de topmodellen van beide merken gewerkt en was over de camera’s zelf zeer te spreken, maar de kwaliteit van de foto’s – zeker bij slecht licht – is beduidend minder goed dan ik gewend ben. Jammer, want het MFT-lenzenaanbod is ondertussen vrij groot en de camera-lens-combinaties zijn zeer compact.

Fujifilm

Fujifilm toont als relatieve laatkomer (2012) hoe het ook kan. In een mum van tijd is een enorm aanbod van lenzen ontstaan, waar ook kwalitatief zeer hoogwaardige en lichtsterke exemplaren tussen zitten (zoals de 56mm f/1.2). De X-Trans-sensor presteert bovengemiddeld voor een APS-C sensor, al kan Adobe Lightroom er niet optimaal mee overweg. Bovendien is er ook een breed aanbod van X-serie camera’s, al zou de X-T1 momenteel de enige zijn die ik persoonlijk serieus zou overwegen. En Fujifilm deinst er ook niet voor terug om bestaande – en zelfs oudere – camera’s van nieuwe functionaliteit te zien via firmware-update’s. Daar zouden andere fabrikanten een voorbeeld aan moeten nemen. Een minpunt is dat het aantal weerbestendige lenzen nog op één hand te tellen is, terwijl een camera als de X-T1 dat wel is (dan heb je daar dus weinig aan). En ik vind het bizar dat Fuji foto’s boven de iso 6400 alleen in jpeg wil opslaan en niet in raw. Dat bepaal ik graag zelf als gebruiker.

Sony

Sony-A7rSony heeft voor mij persoonlijk momenteel de beste papieren. Het bedrijf heeft de afgelopen jaren meermaals haar nek uitgestoken met nieuwe initiatieven, zoals het gebruik van een vaste , transparante spiegel (SLT) in haar spiegelreflexcamera’s, door de introductie van kwalitatief hoogwaardige compactcamera’s met een grote 1 inch-sensor en door een groot aanbod van rappe en veelzijdige (NEX/Alpha) systeemcamera’s. Een camera als de A6000 is erg interessant vanwege de snelle autofocus, compacte vormgeving en ingebouwde evf (hoewel die minder is dan de evf van de NEX-6 en -7). Maar Sony heeft vooral indruk gemaakt met de introductie van de allereerste systeemcamera met fullframe-sensor; de A7-serie. Momenteel zijn er vier exemplaren, inclusief één opvolger, met fullframe sensoren van 12, 24 en 36 megapixels. De beeldkwaliteit is daardoor maximaal en je kunt ook goed spelen met beperkte scherptediepte. Het aanbod van lenzen is nogal beperkt, maar dankzij de korte afstand tussen sensor en lens kun je via adapters praktisch alle lenzen gebruiken. Onder andere een aantal zeer compacte primes voor de Leica M-mount, maar ook Canon lenzen waarmee je via de Metabones-adapter zelf nog kunt scherpstellen (zij het traag). Bovendien kun je het diafragma aansturen vanuit de camera alsof het een Sony lens is en werkt beeldstabilisatie via IS ook prima.

Een nadeel aan zowel Fuji als Sony is dat er maar weinig echt compacte lenzen voor beschikbaar zijn, hoewel je met primes wel een eind kunt komen. Desondanks is de camera-lens-combinatie alsnog een stuk lichter en compacter dan een vergelijkbare spiegelreflex. Sony heeft voor de A7-serie gekozen voor een aantal f/4 zooms, zoals een 24-70mm, 16-35mm en 70-200mm. Het voordeel daarvan is dat de lenzen daardoor redelijk compact blijven, het nadeel is dat je wat minder scherptediepte overhoudt. Het is daardoor een must om ook een reeks primes paraat te hebben, zoals de door DxO geprezen 55mm f/1.8. Nu Sony de A7 II heeft uitgebracht (de opvolger van de A7) is het wachten tot de 5-assige beeldstabilisatie van die camera ook in andere E-mount camera’s opduikt. Daarmee profiteren alle lenzen dus van beeldstabilisatie, dus ook 30 jaar oude primes of een 1000mm spiegellens. Dat is een zeer interessant uitgangspunt.

Een minpunt van Sony is overigens dat het merk niet erg consequent is. Zo had de eerste RX100 geen flitsvoet, de RX100 II wel en de RX100 III weer niet. Ook zou me het niet verbazen als Sony om een of andere duistere reden besluit om de opvolger van de A7R niet te voorzien van een gestabiliseerde sensor, net zoals deze ook geen geïntegreerde af-diodes heeft in tegenstelling tot de goedkopere A7. En Sony is niet erg scheutig met firmware-updates met nieuwe functionaliteit, in tegenstelling tot bijvoorbeeld Fujifilm. Camera’s worden relatief snel opgevolgd en je moet het er dan maar mee doen.

Wat nu?

De richting is duidelijk, hoewel ik op dit moment alle optie openhoud. Op twee lenzen na zijn al mijn Canon lenzen verkocht. In het begin van 2015 verwacht ik veel aankondigingen, onder andere op de CES in januari en tijdens de CP+ in februari in Japan. Er zijn geruchten over nieuwe spiegelloze camera’s van Canon en Nikon, maar op wat patenten na is er tot dusver geen concrete informatie bekend. Het zou kunnen dat beide merken de systeemcamera serieuzer gaan nemen in 2015. Maar tenzij ze snel een enorme inhaalslag maken, is het wat mij betreft te laat. Er zijn ook geruchten over dSLR’s met een evf in plaats van een ovf (net zoals Sony), maar hoe dat er dat uit gaat zien, met of zonder spiegel en voor welke doelgroep, is de vraag.

Vooralsnog hou ik het bij mijn tijdelijke systeemcamera en een oude, tweedehands Canon 40D (die overigens prima foto’s maakt, alleen een stuk trager). Maar ik ben erg benieuwd wat er de komende tijd zoal komen gaat en ben klaar om te investeren in een nieuw systeem. Al zal ik dat voorzichtig doen, want de markt is nog erg in beweging en is onvoorspelbaar.

Een camera met een spiegel zal voor professionele fotografen nog wel een tijd de handigste camera zijn – denk bijvoorbeeld aan wildlife- en sportfotografen die beter via een ovf kunnen werken – maar voor overige fotografie is een systeemcamera prima gereedschap. Gelukkig is er een vrije markt met veel aanbod en kan iedereen zijn eigen keus bepalen. Meningen over de toekomst van de spiegel verschillen dan ook nogal, al ben ik er zelf inmiddels van overtuigd dat deze zijn langste tijd gehad heeft en vraag ik me hardop af of iets als een spiegelreflex voor de consument over tien jaar nog bestaat…

Update

Iniddels is er een keuze gemaakt en is de overstap van een dslr naar een systeemcamera dus een feit. Lees hier hoe dat bevalt. 

Sony A7S van ISO 1600 tot 409600

Deze video toont aan waarom (relatief) weinig megapixels nuttig kunnen zijn. Een nieuw en modern sensorontwerp met weinig pixels leidt tot doorgaans tot zeer goede prestaties bij weinig licht. Dat verklaart waarom de Sony A7S tot en met ISO 409600 foto’s en video’s kan vastleggen. Een nachtscene wordt ineens een dagscene. Het resultaat zie je hierboven.

Disclaimer: de video is door Sony zelf geproduceerd.

Adobe Lightroom nu ook voor de iPad

Adobe heeft een mobiele versie van Lightroom aangekondigd. De app werkt vooralsnog alleen op de iPad, maar een iPhone- en Android-versie wordt later verwacht. Tijdens de Professional Imaging-beurs kregen we onder embargo alvast een demonstratie. Zoals verwacht kun je met de Lightroom app je foto’s bewerken (ook in RAW), waarbij bewerkingen in niet-destructieve vorm worden opgeslagen en gesynchroniseerd met je desktopversie van Lightroom. Maar er zijn (nog) wel enkele beperkingen.

2014-04-08 09.42.33

Beperkte functionaliteit

De Lightroom app is een eerste stap. De functionaliteit loopt nog flink achter op de desktop applicatie en is zelfs niet te vergelijken met de allereerste Lightrooom-versie. Je kunt weliswaar de meeste basisbewerkingen uitoveren, maar je kunt geen presets instellen en iets als lenscorrecties ontbreekt ook nog. Het hernoemen van bestanden kan ook niet. Ook zul je niet je hele bibliotheek kunnen lopen, maar betreft het simpelweg een (tijdelijke) collectie van foto’s. Ook is de beoogde workflow iets anders dan wij zouden denken. Adobe gaat er van uit dat je je foto’s eerst in Lightroom voor de desktop zet en vanaf daar foto’s deelt voor de iPad. Andersom lijkt ons nuttiger. De app kan momenteel geen raw-beelden rechtstreeks uit de camera importeren. Wel kun je foto’s gemaakt met de iPad toevoegen aan Lightroom.

Abonnement

Om de Lightroom app te kunnen gebruiken moet je een Adobe Creative Cloud-abonnement hebben (je logt in met je Adobe ID). Alleen Lightroom is dus niet voldoende. De app zelf is gratis te downloaden. Er is ook een online versie die vanuit iedere browser te gebruiken is (bijvoorbeeld om je foto’s aan anderen te tonen).
2014-04-08 09.42.41

[alert style=”grey”]

PERSBERICHT

Adobe Lightroom mobile maakt professionele fotobewerking op iPad mogelijk

Creative Cloud Photography Program bevat nu Photoshop, Lightroom en Lightroom mobile voor €9,99 per maand exclusief BTW, met synchronisatie van fotobewerkingen tussen mobiel en desktop

Adobe (Nasdaq:ADBE) heeft de beschikbaarheid van Lightroom mobile, de mobiele app-versie van Lightroom voor desktop, aangekondigd als onderdeel van Adobe Creative Cloud. Dankzij de nieuwe mobiele versie zijn de krachtige Lightroom-tools nu beschikbaar voor de iPad. Deze bieden gebruikers de mogelijkheid om afbeeldingen te bewerken, ordenen, delen en synchroniseren, zonder tussenkomst van de desktop. Lightroom mobile maakt gebruik van nieuwe Smart Preview-technologieën, waardoor professionele fotobewerkingsmogelijkheden, zoals het non-destructive – ofwel met behoud van het origineel – verwerken en bewerken van foto’s ook via mobiele devices en het web beschikbaar zijn.

Lightroom mobile is beschikbaar als onderdeel van Adobe Creative Cloud Photoshop Photography Program. Voor 9,99 Euro per maand exclusief BTW krijgen fotografen toegang tot Lightroom 5 en Photoshop CC voor de desktop en ook Lightroom mobile voor de iPad.

“Door de introductie van Lightroom mobile zijn geavanceerde fotografie-workflows niet langer exclusief beschikbaar voor de desktop-computer”, zegt Winston Hendrickson, vice president products, Creative Media Solutions bij Adobe. “Lightroom en Photoshop hebben digitale fotografie op de desktop geherdefinieerd en nu kunnen fotografen ook op iedere gewenste locatie afbeeldingen perfectioneren en synchroniseren met de computercatalogus.”

Door Lightroom mobile en de geoptimaliseerde synchronisatie-architectuur zijn de krachtige tools van Lightroom 5 beschikbaar op de iPad, waaronder:

·       Synchroniseren van mobiele fotobewerkingen, meta-data en collectiewijzigingen naar de Lightroom-catalogus op een Mac of Windows-computer

·       Automatisch importeren van foto’s die zijn vastgelegd op een iPad en terug-synchroniseren naar de Lightroom-catalogus op de computer

·       Offline bewerken van afbeeldingen voor een volledig mobiele gebruikerservaring

·       Foto’s synchroniseren tussen Lightroom 5 en Lightroom mobile. Gesynchroniseerde foto’s kunnen ook bekeken worden op elke webbrowser

“Adobe Lightroom mobile transformeert de manier waarop ik werk met mijn foto’s, omdat ik nu foto’s kan bekijken en verwerken wanneer ik wil en niet alleen wanneer ik achter mijn computer zit”, zegt Jeff Carlson, onderwijzer en schrijver van The iPad for Photographers and Adobe Lightroom mobile: Your Lightroom on the Go. “Het fungeert ook als een bewerkbaar fotoportfolio op mijn iPad. Foto’s die ik toevoeg of verwijder van een collectie in Lightroom mobile of op de computer worden automatisch gesynchroniseerd. Mijn portfolio is op deze manier altijd klaar op het moment dat ik mijn werk wil tonen.”

Prijs en beschikbaarheid

Het Photoshop Photography Program (€9,99 per maand exclusief BTW) bevat Lightroom 5, Photoshop CC, Lightroom mobile en een openbaar portfolio via Behance. Leden die beschikken over het volledige Creative Cloud-lidmaatschap of lid zijn van het Photoshop Photography Program, hebben automatisch toegang tot Adobe Lightroom mobile. Lightroom mobile is reeds beschikbaar voor iPad 2 of nieuwere devices die draaien op iOS 7. Lightroom mobile is verkrijgbaar via de Apple App Store en vereist Lightroom 5.4 voor Mac of Windows.

Kijk voor meer informatie over productfuncties, upgrade voorwaarden, prijzen en taalversies op: www.adobe.com/go/lrmobile.

[/alert]

 

Interview Joe McNally: ‘Ik stop nooit met fotografie’

Vorige week spraken we ruim een half uur met Joe McNally (1952) in een 1:1 interview. Hij was de belangrijkste internationale fotograaf op de Professional Imaging-beurs die dit jaar voor het eerst in Nijkerk gehouden werd. We vroegen hem naar zijn kijk op de cameramarkt. Is er nog voldoende werk voor fotografen? Welke fotografische disciplines beheerst hij minder goed? Wat vind Joe van technologische ontwikkelingen zoals spiegelloze (systeem)camera’s? En welke apparatuur gebruikt hij het meest? Je leest het hieronder.

Met wat voor projecten ben je momenteel bezig?

“Het zijn veelal korte termijn klussen momenteel. Twee weken geleden deed ik nog een zakelijke klus voor een bedrijf. Daarna ging ik naar Cuba om een workshop te geven en wat te fotograferen en sinds een paar dagen geef ik nu live demonstraties over belichting via externe flitsers hier in Nederland. Verder ben ik momenteel bezig met een boek dat gepubliceerd wordt door het voormalige tijdschrift Life Magazine.”

Het gaat nog steeds niet goed met de economie en ook niet met het beroep van fotograaf. Zie je nog lichtpuntjes?

“Er blijft altijd een behoefte om een verhaal te vertellen met beelden. De enorme technologische ontwikkelingen van de afgelopen jaren hebben dat alleen maar makkelijker gemaakt. Daar staat tegenover dat het economische klimaat voor fotografen nog steeds verontrustend is. Het is nooit een makkelijk beroep geweest, maar momenteel is het lastiger dan ooit. Maar ik zie een goede toekomst voor fotografen die zich kunnen aanpassen aan de snelle veranderingen. Je moet niet meer afhankelijk zijn van opdrachtgevers van papieren publicaties. Het klassieke systeem van gebeld worden, een opdracht uitvoeren, betaald worden en naar de volgende opdracht gaan, bestaat niet meer. Vandaag de dag moet je opvallen, actief zijn op sociale media en zeer pro-actief zijn. Bovendien moet je niet alleen kunnen fotograferen, maar is het ook handig als je een beetje kunt schrijven en daardoor bijvoorbeeld af en toe kunt bloggen. Ook moet je verstand hebben van video en audio. Je moet meerdere functies in één vervullen in deze zeer gefragmenteerde markt.”

Ben je zelf eigenlijk bezig met video?

“Een klein beetje. Het is een  onderdeel wat we doen in onze studio. Maar het is geen groot onderdeel van de bedrijfsvoering. We doen vooral ‘behind-the-scenes’-video’s. Bijvoorbeeld wanneer ik een foto-opdracht uitvoer, wordt er op de achtergrond geregistreerd hoe dat in de praktijk gaat. Dergelijke behind-the-scenes-video’s zijn tegenwoordig bijna net zo belangrijk als de foto zelf. Ze zijn zeer populair. Iedereen wil weten hoe je te werk gaat.”

Je fotografeert al sinds het prille begin met Nikon apparatuur. Waarom?

“Ik begon al op een erg jonge leeftijd te fotograferen en mijn eerste camera was een Nikon. Ik heb heel erg veel ervaring met die camera’s en het Nikon-systeem en ken ieder knopje en instelling zo ongeveer uit m’n hoofd. De camera’s en de optiek zijn uitstekend en gaan lang mee. Ook ben ik zeer gehecht aan het systeem van de Speedlight-flitsers. Ze laten zich uitstekend op afstand bedienen, dus ik gebruik die apparatuur erg vaak. Het systeem sluit volledig aan bij wat ik nodig heb voor mijn workflow en ik heb daardoor nooit de behoefte gevoeld om over te stappen.”

EXA_2720

En welke camera’s gebruik je vooral?

“Ik werk met Nikon D4’s en D800’s. Ik gebruik de D800 vooral in een omgeving met gecontroleerd licht, zoals in de studio. Vooral dankzij de hoge resolutie. En de Nikon D4 is een werkpaard dat echt overal inzetbaar is.”

En wat zijn je favoriete lenzen?

“Ik gebruik de Nikkor 24-70mm f2.8 het meest. Niet omdat dit de mooiste lens is, maar omdat deze het meest veelzijdig is en het bereik heeft dat ik het meeste gebruik. Hij is heel scherp en kan tegen een stootje. Het is geen exotische sexy lens, maar een uitstekend werkpaard. Mijn favoriete brandpuntsafstand is 28mm, dus een snelle prime zoals de f1.8 waardeer ik zeer. De Nikkor 200mm f2 is waarschijnlijk de scherpste telelens die ik ooit gebruikt heb en hij is fantastisch als je met beperkte scherptediepte wilt werken. Voor portretten in de studio gebruik ik de 70-200 f2.8 VR. De drie heilige lenzen die standaard in mijn fototas zitten zijn de 14-24mm, 24-70mm en de 70-200mm. Met die lenzen kan ik praktisch iedere situatie aan.”

Gebruik je ook wel eens wat meer extreme lenzen, zoals een fisheye?

“Zelden. Natuurlijk heb je wel een situaties waarbij een fisheye erg mooie resultaten zou opleveren, bijvoorbeeld bij een camera die je op afstand bediend of in een bewegend voertuig. Ik ben niet echt een exotische fotograaf. Ik heb wel een 600mm f4, maar doe weinig wildlife fotografie. De Nikkor 200-400mm f4 is mijn meest veelzijdige telelens, dus die zou ik eerder gebruiken. Wat betreft groothoek vind ik 20mm mooi. Daaronder krijg je al snel last van vertekening.”

Systeemcamera’s zijn sinds enkele jaren bezig met een langzame opmars. Ze zijn compact en bieden redelijk goede beeldkwaliteit. Hoe kijk jij daar tegenaan?

“Eerlijk gezegd heb ik niet echt serieus met dergelijke camera’s gewerkt. Er zijn enkele die best goed zijn, maar de meeste zijn toch trager om mee te werken dan ik zou willen. Als primaire camera zou dat redelijk frustrerend zijn voor een professional en ik zou ook de robuustheid van een DSLR missen. Bovendien zijn het aantal lenzen waaruit je kunt kiezen relatief beperkt.”

Maar zie je iets in het concept van een dergelijke camera? Bijvoorbeeld een compacte camera die je meeneemt tijdens een stedentrip omdat je niet met je fototas wilt sjouwen?

“Ik heb er geen, dus ik kan het niet beoordelen. Maar voor een dergelijke situatie zou ik kiezen voor de Nikon Df met een compacte prime. Die is erg licht en uitstekend voor straatfotografie. Daar heb ik een week mee in Cuba gefotografeerd omdat ik maar één camera mee kon nemen en zo weinig mogelijk andere spullen. Met een 28mm en een 50mm kon ik prima uit de voeten en de beeldkwaliteit is identiek aan die van de D4. Vergeleken met andere DSLR’s is hij licht en compact en hij heeft een stille sluiter wat in sommige situaties goed van pas kan komen.”

Moest je wennen aan de alternatieve bediening en klassieke knoppen van de Nikon Df?

“Als je van mijn leeftijd bent is dat exact de bediening die je van vroeger gewend bent. Ik hoefde er dus nauwelijks aan te wennen en vond het erg prettig om mee te werken. Ik kan me wel voorstellen dat de jeugd van dit moment, die vooral met smartphones fotografeert, een drempel over moet.”

Je bent een allround fotograaf die in zeer veel verschillende situaties uit de voeten kan. Zijn er ook fotografische disciplines die je niet beheerst?

(lacht) “Ha ha ha, ja hoor, dat zijn er erg veel. Ik ben slecht met stilleven, minder goed met landschappen en beheers sport en actiefotografie ook niet echt. Ik heb een flink aantal zwakheden als fotograaf. Ik ben wel een generalist, maar meer een ‘general feature’-fotograaf. Ik fotografeer geen hard nieuws en je kunt mij beter niet naar een sportwedstrijd sturen. Ik hou meer van human interest, wetenschap en maatschappelijke zaken.”

En goed ben je met Photoshop?

“We gebruiken Photoshop in onze studio. Ik kan er wel mee overweg, maar mijn jongere assistenten zijn er veel beter in bedreven. Het is veel efficiënter dat ik mij volledig met de fotografie en alle zakelijke aangelegenheden bezig houdt en dat mijn assistenten het Photoshop-werk op zich nemen. Ik ken de basis, maar zou niet willen beweren dat ik erg goed ben met Photoshop. Overigens gebruiken we maar erg weinig nabewerking. Ik probeer digitale fotografie nog steeds te gebruiken op de analoge manier. Ik wil het beeld direct goed vastleggen zonder dat er achteraf nog aan gesleuteld moet worden.”

Zelfs geen uitsnede achteraf?

“Nee, ik probeer croppen te voorkomen. Ik wil het beeld direct op de perfecte manier vastleggen zoals ik dat voor ogen heb.”

Zie je jezelf ooit stoppen met fotografie?

“Nee, ik zie mezelf eerlijk gezegd niet met pensioen gaan. Fotografie is een passie en daar stop je niet mee. De meeste collega-fotografen die ik ken, zijn pas gestopt met fotograferen toen ze het graf ingingen. En dat is waarschijnlijk ook mijn toekomst.”

 

Sony A7s: 12 megapixel fullframe en 4k video (update)

Update: de vermoedelijke specificaties klopten. Extra interessant is dat de Sony A7s geen pixel binning gebruikt, maar een deel van de sensor gebruikt met een native resolutie (net zoals de Panasonic GH4 overigens). Dat betekent betere beeldkwaliteit en minder kans op moiré.  Een minpunt is dat de camera alleen 4k kan opnemen via een externe recorder, dus niet via de SD-kaart.

n1_bg_00

Deze week start in Las Vegas de NAB videobeurs. Volgens geruchten zal Sony daar groot nieuws aankondigen. De fullframe systeemcamera-serie zou uitgebreid worden met de Sony A7s (naast de A7 en A7R – zie review). Deze A7s zou gericht zijn op een andere doelgroep, maar niet alleen videoliefhebbers. Voor die laatste groep zou de camera wel een alternatief vormen voor de Panasonic GH4, want de Sony A7s zal naar verluid in 4k video kunnen opnemen. En omdat het een fullframe sensor betreft, zal de low-light prestatie en het dynamisch bereik waarschijnlijk een stuk beter zijn.

Specificaties

Volgens uitgelekte specificaties zou de camera zijn uitgerust met 12 megapixels. Dat is een beduidend minder dat de 20+ megapixels die tegenwoordig gebruikelijk zijn en eveneens fors minder dan de 24 megapixels van de A7 en de 36 megapixels van de A7.  Maar dat heeft ook een voordeel. Het zal vermoedelijk om een modern sensorontwerp gaan, dus met de technologie en kwaliteit van de 24+ megapixel sensoren, maar dan met beduidend grotere pixels. Grotere pixels betekent een hogere lichtgevoeligheid en waarschijnlijk ook een beter dynamisch bereik. Doordat de bestanden een stuk sneller zijn, zal de camera ook meer foto’s per seconde kunnen produceren. We verwachten minimaal een lichtgevoeligheid van ISO 409,600. Er wordt ook gesproken over de snelle hybride autofocus waar de A6000 ook over beschikbaar, maar dat is nog afwachten. Zondag om 23:00 weten we meer, want dan begint de Sony persconferentie op de NAS beurs.

promo_pc

 

Voorbeeldvideo

De onderstaande beelden zijn geschoten met de Sony A7s en bij iedere scene staan de instellingen er bij vermeld. Zie ook deze praktijkvideo die beelden tot en met ISO 409600 toont.

Dit weekend Professional Imaging-beurs

Dit weekend wordt het fantastisch lenteweer. Mocht je zin hebben om een dagje buiten fotograferen te combineren met met de grootste fotobeurs van Nederland, dan kun je gratis een bezoek brengen aan Professional Imaging 2014. Maar let op, de beurs vindt niet meer plaats in het NBC in Nieuwegein, maar in ‘De Loods‘ in Nijkerk. Ondanks de negatieve berichten over de fotomarkt is de beurs in omvang gegroeid. Er zijn nu drie hallen met 100 exposanten en in het Adobe theater worden gratis lezingen en workshops gegeven van (inter)nationale fotografen als Joe McNally, Jimmy Nelson en Frank Doorhof.

maandag-31-31

Consument of professional?

De beurs is van origine bedoeld voor professionals die zich bezighouden met fotografie (en video). Maar omdat de entree gratis is zijn er ook zeer veel consumenten en de standhouders anticiperen daar ook op. Zo zijn onder andere Canon, Nikon, Sony, Fujifilm, Sigma en Epson aanwezig evenals diverse distributeurs (Transcontinenta, De Greef, TSE).

Gratis entree

De beurs is zaterdag, zondag en maandag geopend van 10:00 tot 17:00. Entree is gratis, maar je moet je wel even inschrijven (online inschrijven kan tot vrijdag 12:00 maar ook ter plekke). Voor meer informatie zie de site van Professional Imaging.

Western Digital My Passport Pro: twee mobiele harde schijven in één

Opslagfabrikant Western Digital komt met een harde schijf op de markt die speciaal bedoeld is voor fotografen. Fotografen met een Mac wel te verstaan. De Western Digital My Passport Pro werkt namelijk via een Thunderbolt-aansluiting en die zien we nog niet zo vaak op pc’s. Het voordeel van Thunderbolt ten opzichte van usb 2.0 / 3.0 en firewire is dat de standaard een stuk sneller is en dat er meerdere producten gekoppeld kunnen worden.

RAID

Het bijzondere is dat de My Passport Pro niet over één maar twee (2,5 inch) harde schijven beschikt. Daarmee is het mogelijk om de schijven te koppelen via RAID 0 en 1, in combinatie met Mac OS X. Onder Windows werkt dit niet, dus is dit product alleen voor Macs beschikbaar. De schijven worden standaard met een RAID 0-configuratie geleverd, waarbij de snelheid maximaal is (233 MB/s). In RAID 1 zijn de schijven een identieke kopie van elkaar (mirror) zodat gegevens niet verloren gaan mocht er een harde schijf defect gaan. Eveneens uniek is het feit dat de schijf zijn stroom krijgt via de Thunderbolt-kabel. Er is dus geen aparte kabel en stroomsnoer nodig. Dat zien we wel bij meer portable harde schijven, maar voor een combinatie van twee schijven is het uniek.

My_Passport_Pro_lifestyle_v1_HigRes

Prijs en beschikbaarheid

My Passport Pro is per direct verkrijgbaar bij geselecteerde distributeurs, winkels en Apple Stores en online via de wdstore.com. De adviesprijs voor de My Passport Pro 2 TB is € 369 en voor de 4 TB-versie € 499.

My_Passport_Pro_seamless_with Mac_v1_HigRes

[alert style=”grey”]

WD®, onderdeel van Western Digital (NASDAQ:WDC) en wereldleider op het gebied van opslag, introduceert vandaag My Passport® Pro, de eerste draagbare Thunderbolt™ dual-drive. My Passport Pro is een echte mobiele oplossing met veel capaciteit en krachtige prestaties voor creatieve professionals en gebruikers. In Mac-systemen biedt My Passport Pro gebruikers de mogelijkheid om zelf de RAID-instelling te selecteren en dat maakt de oplossing geschikt voor de meest veeleisende toepassingen die er zijn, zonder dat stroomadapters of extra kabels nodig zijn. My Passport Pro is beschikbaar met opslagcapaciteit van 2 TB en 4 TB.

“My Passport Pro is de enige Thunderbolt dual-drive die via USB gevoed wordt. Voor creatieve professionals die veel wisselen van werkplek, is deze oplossing een uitkomst dankzij de snelle data-uitwisseling en het hoge niveau van databescherming voor de grote hoeveelheden digitale content waar ze doorgaans ook buiten de studio mee werken”, zegt Emiel Witteveen, Regional Marketing Manager Branded Products bij WD. “De professionals die voor hun werk en inkomen vertrouwen op draagbare opslag, zoals fotografen, filmers, musici, grafisch ontwerpers en architecten, zullen merken dat My Passport Pro prestaties, betrouwbaarheid en vooral draagbaarheid naar een hoger niveau tilt.”

“De Thunderbolt-technologie opent nieuwe wegen voor high-performance workflows”, zegt Jason Ziller, director Thunderbolt Marketing van Intel. “Door dubbele schijfopslag te integreren in een mobiel apparaat dat gevoed wordt via USB, is My Passport Pro van WD een unieke en krachtige opslagoplossing met enorme capaciteit die de gebruikers van vandaag nodig hebben.”

De harde schijf wordt van stroom voorzien via de geïntegreerde Thunderbolt-kabel – een uniek ontwerp van WD. My Passport Pro haalt snelheden van 233 MB/s en dat staat garant voor supersnelle data-uitwisseling, bewerking en back-up. Een ander belangrijk voordeel van de dual-drive is dat gebruikers zelf de RAID-functie kunnen selecteren: RAID 0 of RAID 1, afhankelijk van de behoefte. De geïntegreerde Thunderbolt-technologie is superieur aan FireWire 800 en USB 3.0 en maakt het bewerken van video aanzienlijk sneller en makkelijker. Zo kost het kopiëren van een HD-videobestand van 22 GB de helft van de tijd die met een USB 3.0-schijf in RAID 0-formaat nodig zou zijn.

My Passport Pro bestaat uit twee harde schijven van 2,5-inch in een slanke aluminium behuizing. De dual-drive is grondig getest op schokbestendigheid en is extra solide voor klussen onderweg.

[/alert]

MyPassport_Pro_left_HigRes

HTC One M8 smartphone met driedubbele camera

HTC heeft haar nieuwe smartphone topmodel aangekondigd. Deze heet nog steeds de HTC One, maar om zich van zijn voorganger te onderscheiden is er M8 aan toegevoegd (de vorige heet nu de M7). Voor ons fotografen is het vooral interessant wat deze nieuwe smartphone op foto- en videogebied in petto heeft. Wie de foto’s van de HTC One M8 voor het eerst bekijkt ziet er dat er iets bijzonders aan de hand heeft. Zo heeft de telefoon twee camera’s aan de achterkant – en als we de voorkant meerekenen drie in totaal. De reguliere camera is grotendeels identiek aan die van de vorige en bevat nog steeds een Ultrapixel-sensor met een lagere resolutie dan we gewend zijn (4 mp), met grotere pixels als compensatie (dankzij de 1/3 inch sensor). Maar waarvoor is de tweede camera dan?
HTC-One-M8

Achteraf scherpstellen

De tweede camera heeft een resolutie van 2 megapixels en wordt alleen gebruikt om de diepte te meten. Met die informatie is het mogelijk om achteraf scherp te stellen en om andere bewerkingen te doen. Deze methode is deels hardwarematig door het meten van de diepte, maar ook grotendeels softwarematig. Zo wordt er op basis van de diepte en de keuze voor het scherpstelpunt een blurfilter toegepast. Dat lijkt in de praktijk niet helemaal goed te gaan, waardoor contouren rondom het onderwerp er soms onnatuurlijk uitzien. Het achteraf scherpstellen is mogelijk met een aparte app, maar de diepte-informatie wordt ook in het jpeg-bestand bewaard. Het doel van dit alles is vooral om meer spiegelreflex-achtige beelden te kunnen produceren, met beperkte scherptediepte.

Op basis van de diepte informatie is het ook mogelijk om een object uit de foto te knippen of een bepaald deel van een foto om te zetten naar een andere kleurtoon of te voorzien van een effect. Een negatieve bijkomstigheid van de komst van de tweede camera is dat de nieuwe HTC One niet meer beschikt over optische beeldstabilisatie, in tegenstelling tot zijn voorganger.

fv-htc-one-m8-cam

Selfie camera

Verder is het bijzonder dat de camera aan de voorkant van het toestel een hogere resolutie heeft dan die aan de achterkant, namelijk 5 megapixel. Daarmee kun je dus op een relatief hoge resolutie ‘selfies’ maken. Verder beschikt de HTC One M8 ook over een dubbele LED-flitser, zoals we die voor het eerst zagen bij de iPhone 5S.

Prijs en beschikbaarheid

De HTC One M8 is vanaf 4 april verkrijgbaar in de kleuren Gunmetal Grey en Glacial Silver voor een prijs van € 699. Over de telefoonfunctionaliteit kun je meer lezen in het persbericht hieronder.

orig_background-panorama-2

[alert style=”grey”]

PERSBERICHT

 HTC, wereldwijd leider in mobiele innovatie en design, onthult de nieuwe HTC One (M8), de opvolger van de populaire en geroemde HTC One die in 2013 werd geïntroduceerd. De nieuwe HTC One (M8) is vervaardigd uit een enkel stuk aluminium en wordt geïntroduceerd in de kleuren: Gunmetal Grey en Glacial Silver. De telefoon bouwt voort op HTC’s focus op detail, passie voor design en innovatie. Zaken die de eerste generatie HTC One (M7) vele awards opleverde. Met zijn opvolger, de HTC One (M8), heeft HTC elk aspect van de telefoon naar een nog hoger niveau getild.

Stijlvolle aluminium behuizing
De HTC One (M8) beschikt over een 5-inch scherm met een hoge resolutie. De stijlvolle aluminium behuizing heeft een achterkant van geborsteld aluminium en past daarmee uitstekend bij andere designproducten. De licht gebogen randen en vloeiende lijnen geven de telefoon een natuurlijke vorm die ervoor zorgt dat de HTC One (M8) stevig in je hand ligt.

“Je kunt van een afstand al zien dat het design van de HTC One (M8) heel bijzonder is”, zegt Mark Moons, General Manager HTC Western Europe. “HTC was het eerste merk dat een full metal body introduceerde. Bij de nieuwe HTC One (M8) hebben we nog meer aluminium gebruikt, waarmee de telefoon luxer aanvoelt en er superieur uitziet vergeleken met andere toestellen. De aluminium unibody van de HTC One (M8) maakt het toestel bovendien nog robuuster en veel sterker dan telefoons met een plastic behuizing. Hiermee vergroten we de voorsprong op de concurrentie. Het design is ook speciaal ontwikkeld om het toestel eenvoudig met één hand te kunnen bedienen.”

Optimale gebruikservaring
Naast een baanbrekend design is de HTC One (M8) voorzien van geavanceerde technologieën en software die de telefoon een zesde zintuig geven. Dit zorgt voor een eenvoudigere en intuïtieve gebruikservaring. Zo detecteert Motion Launch de omgeving, zodat je interactie kunt hebben met je telefoon zonder dat het scherm aan staat. Met een simpele swipe ontgrendel je het toestel en kun je direct een applicatie openen. Door twee keer op het scherm te tikken, schakel je het scherm aan en uit. Auto Answer zorgt ervoor dat je, zonder het scherm aan te raken, een telefoontje kunt beantwoorden door het toestel simpelweg naar je oor te brengen.

Subliem geluid
Met de HTC One (M8) brengt HTC de audio-ervaring naar weer een hoger niveau. Dankzij de verbeterde HTC BoomSound zijn muziek, films en games in krachtig en glashelder geluid beschikbaar. Het toestel heeft dubbele speakers aan de voorzijde met nieuwe versterkers, waarmee de HTC One (M8) 25 procent harder en nog voller klinkt dan zijn voorganger.

Superieure foto’s en creatieve effecten  
De nieuwe HTC One (M8) geeft een nieuwe dimensie aan mobiele fotografie door het combineren van ‘s werelds eerste Duo Camera met HTC’s innovatieve UltraPixel-module. Hiermee maak je in alle lichtomstandigheden geweldige foto’s. De camera biedt verschillende creatieve effecten, waardoor je meer met je foto’s kunt doen dan ooit.

Dankzij de intelligente, dubbele LED-flitser maak je in alle lichtomstandigheden geweldige foto’s. Een 5MP ultrawijde front-facing camera zorgt ervoor dat je eenvoudig superieure selfies maakt.

HTC Dot View – Een retro-designed en interactieve flip-cover
Een buitengewone telefoon verdient een buitengewone cover die het toestel beschermt. Met de HTC Dot View trekt HTC design en innovatie ook door naar deze accessoire. De nieuwe HTC Dot View cover beschermt niet alleen het toestel, maar het laat ook notificaties zien in een retro, matrixstijl.

Favoriete content op je homescreen
HTC’s Sense 6 software brengt het uitmuntende design van de HTC One (M8) naar de binnenkant van het toestel. Zo laat het gebruik van kleurthema’s duidelijk de verschillende soorten applicaties zien, zoals productiviteit en entertainment. Verder is HTC BlinkFeed voorzien van nieuwe mediabronnen en meer social feeds. Het laatste celebrity-nieuws, updates over films, shoppen en social posts van je vrienden zijn daarmee in een handomdraai zichtbaar op je homescreen.

[/alert]

Panasonic HX-A500 actiecamera filmt met 25fps in 4k

Panasonic is al langer actief in de markt van actiecamera’s, maar heeft nu ‘s werelds eerste volwaardige 4k actiecam op de markt gebracht. GoPro was in 2012 natuurlijk de eerste met de GoPro Hero 3 Black (zie onze review), maar die filmde 4k met slechts 15 beelden per seconde. En dat is niet echt bruikbaar, zeker niet voor een actiecam. De Panasonic HX-A500 filmt wel volwaardig in 4k met 25 fps. In 1080p kan dat opgevoerd worden naar 50 fps en in 720p naar 100 fps (GoPro: 120 fps). Er is zelfs nog een low-res 480p mode waarbij hij met 200 fps kan filmen.

1395754803

Het Panasonic HX-A500 concept

Het ontwerp van de Panasonic HX-A500 is heel anders dan die van andere actiecamera’s. Het product is als het ware in tweeën gedeeld. Er is een los bedieningsonderdeel dat je om je bovenarm kunt binden en een losse camera voor naast je hoofd. Voor dit ontwerp valt wat te zeggen omdat het in sommige situaties heel praktisch kan zijn. Zo kun je op het 1,5 inch lcd-scherm (480×240)zien wat er op de camera te zien is en kun je de camera eenvoudig bedienen. En de camera zelf blijft hierdoor erg licht (31 gram), waardoor hij prettiger is om te dragen. Aan de andere kant zit je wel met een potentieel onhandige kabel opgescheept die beide componenten met elkaar verbindt. De actiecam is uitgerust met wifi en nfc, waardoor de beelden ook op een smartphone of tablet live te bekijken zijn. Ook is hij waterbestendig. Het concept is vergelijkbaar met de Panasonic A100 Action cam die het bedrijf eerder aangekondigde, maar dan dus met 4k ondersteuning en een lcd-scherm.

1395754798

Prijs en beschikbaarheid

De Panasonic HX-A500 is beschikbaar vanaf juli voor een adviesprijs van € 449,95.

j808fkrhtf26hlgjyefp

Sony A3500 volgt A3000 op met dubieuze verbeteringen

De eerste beelden en specificaties zijn opgedoken van de nieuwe Sony A3500. In Australië staat hij zelfs al op de Sony site. Maar omdat het weekend is, beschikken we nog niet over een officieel persbericht. Wel kunnen we stellen dat de aankondiging van de Sony A3500 wat dubieus is. Allereerst omdat de A3000 nog maar een half jaar op de markt is; de camera werd eind augustus 2013 aangekondigd en kwam eind september op de markt. Ten tweede omdat ons speurwerk tot nu toe feitelijk geen verbeteringen heeft opgeleverd. Die zijn er vast wel, maar zoals gezegd ontbreekt een officieel persbericht nog. De specificaties van de camera zelf lijken nagenoeg identiek: 20 megapixels, nog steeds slechts 2,5 foto’s per seconde (of 3,5 zonder continue autofocus) en nog steeds een vrij slechte elektronische zoeker met slechts 201k dots.

Schermafbeelding 2014-03-23 om 11.17.59

 

Op de Australische Sony site is de camera al te koop

Nieuwe kitlens

Wat wel veranderd is, is de meegeleverde kitlens. Maar niet ten goede! De lens verliest namelijk lichtsterkte, bereik en beeldstabilisatie. Zo betreft het nu een 18-50mm objectief, in plaats van 18-55. De lichtsterke op 18mm is nu f4 in plaats van f3.5 (oftewel 18-50mm f4-5.6). En tot overmaat van ramp lijkt het objectief ook niet beschikken over beeldstabilisatie (OSS), in tegenstelling tot zijn voorganger.

e9decb5c96c40323d22e0f4bf15310d2

De camera lijkt dus nog verder naar beneden te zijn bijgesteld, bedoeld voor consumenten zonder fotografie-ervaring die graag een goedkope camera kopen die er uitziet als een spiegelreflexcamera. De Australische prijs komt omgerekend neer op € 329, wat er op zou kunnen duiden dat de prijs wat verder naar beneden is bijgesteld. Maar we verwachten dat deze gewoon een adviesprijs van € 399 meekrijgt, net als zijn voorganger.

84ee079edd71e61b9b83ce13fcb29642

Wie heeft de kleinste? Samsung NX Mini

In de strijd om de kleinste systeemcamera van dit moment heeft Samsung een nieuw wapen in de ring gegooid. De Samsung NX Mini is een nieuw type systeemcamera dat weliswaar de naam NX draagt, maar niet compatibel is met bestaande lenzen en ook een ander sensorformaat heeft. De Mini is uitgerust met een 1 inch-sensor die ook in de Nikon 1-serie en de Sony RX- en QX-reeks gebruikt wordt. Met een kleinere sensor is het ook mogelijk om een kleinere camera te produceren. De Samsung NX Mini heeft de Panasonic Lumix GM1 daardoor voorbij gestreefd als kleinste systeemcamera van dit moment. Alhoewel, technisch gezien is de Pentax Q nog kleiner, maar die heeft een relatief zeer kleine compactcamera-sensor. Het is dus maar hoe je het vergelijkt.

m_1_NX-MINI_003_Front-Without-Lens_White

Specificaties Samsung NX Mini

De nieuwe Mini heeft een 20,5 megapixel BSI-cmos sensor met een omvang van 1 inch. Vermoedelijk is dit dezelfde sensor die Sony in de RX100 II gebruikt. Het ISO-bereik loopt van 100 tot 12.800 en is uitbreidbaar tot 25.600. De camera beschikt over 21 autofocuspunten, schiet 6 foto’s per seconde en kan 1080p video’s produceren met 30 bps. Wifi en NFC zijn aanwezig, zodat de camera ook op afstand bedienbaar is met een smartphone en waarmee je foto’s snel kunt delen. Aan de achterzijde zit een lcd-scherm (geen OLED) dat 180 graden kan kantelen – ideaal om selfies te maken.

samsung-nx-mini-smart-camera-03

Vatting en lenzen

De Mini heeft dus een nieuwe vatting. Deze is niet compatibel met de bestaande NX-objectieven, hoewel daar wel een adapter voor beschikbaar is (maar in combinatie met de superplatte camera is dat geen logische combinatie).  Speciaal voor de NX Mini heeft Samsung een drietal nieuwe lenzen ontwikkeld. De belangrijkste is de 9-27mm f3.5-5.6 ED OIS kitlens (omgerekend naar 35mm: 24,3-73mm). Wie echt compact op pad wil kan ook kiezen voor een tweetal primes: een superplatte 9mm f3.5 pancake en een lichtsterke 17mm f1.8 met beeldstabilisatie (OIS).

Samsung_NX_mini_SMART_Camera

Prijs en beschikbaarheid

De kit met de zoomlens gaat $550 kosten, dus we verwachten dat dit uitkomt op € 499. De goedkoopste set is die met de platte 9mm lens die voor € 399 over de toonbank zal gaan. De camera verschijnt half april.

Samsung_NX_Mini-19_610x458

Vergelijking: Nikon 1 V3 vs V2

Na de aankondiging van de Nikon 1 V3 hebben we de specificaties even op ons in kunnen laten werken. Bij nader inzien zijn de verschillen met zijn voorganger, de Nikon 1 V2, nog wat groter dan aanvankelijk gedacht. De body is wat kleiner en ziet er meer uit als een compactcamera, terwijl de V2 er meer uitzag als een compacte bridgecamera met stevige grip en bobbel bovenop. Ondanks de compactere vormgeving is de V3 iets zwaarder: 324g vs 278g (body).

MicroSD

Iets dat we tijdens de lancering niet meteen opmerkten was dat de V3 geen SD-geheugen meer gebruikt. In plaats daarvan is voor het kleinere MicroSD-geheugen gekozen. Aan de ene kant niet onlogisch: dit neemt minder ruimte in beslag en dergelijke kaartjes zijn vrij gebruikelijk bij smartphones en tablets. Maar goed, dit is en blijft natuurlijk een camera (en slechts een klein deel daarvan gebruikt MicroSD). Je kunt dus even niet snel het SD-kaartje in je laptop stoppen, maar je moet een adapter meenemen of de usb-kabel. Aan de andere kant heeft de Nikon 1 V3 nu ook wifi, dus kun je op die manier ook eenvoudig je foto’s overzetten.

Optionele EVF

Zoals bekend is de voorganger van de V3, de V2, standaard voorzien van een ingebouwde EVF.  De nieuwe V3 beschikt hier niet over. Dat is jammer. We denken dat Nikon hiervoor gekozen heeft om de body compact te houden, mede omdat lang niet iedereen een EVF gebruikt. Dat de camera nu over een kantelbaar scherm beschikt kan bij die keuze hebben meegespeeld. Je kunt nu immers het scherm zo kantelen dat je geen (of  minder) last hebt van de felle zon. Ook de is de prijs van de camera iets gedaald (€ 30) te opzichte van de adviesprijs van de V2. Daar staat tegenover dat de adviesprijs van de optionele DF-N1000 EVF wel erg pittig is: € 359. Inclusief de nieuwe 10-30mm PD kitlens kom je dan uit op een totaalprijs van € 1328, wat toch erg fors is. Uiteraard zijn dit adviesprijzen en zal de marktprijs lager liggen.

Nikon_1_V3_10_30_PD_frt34l

 

v2_diag

Wat de Nikon 1 V3 wel heeft, maar de Nikon 1 V2 niet

  • 171 fasedetectie af-punten (V2: 135)
  • 20 bps met continue autofocus, 60 bps met af-lock
  • Kantelbaar scherm
  • Wifi
  • Expeed 4A beeldprocessor
  • Nieuwe compacte kitlens met electronische zoom
  • ISO 12.800 (V2: 6400)
  • MicroSD
  • Iets hogere resolutie (18 mp)
  • Lcd-scherm met iets hogere resolutie
  • 120 fps videomodus (720p)
  • Iets goedkoper (€ 869, V2 was € 899)

Wat de Nikon 1 V2 wel heeft, maar de Nikon 1 V3 niet

  •  Ingebouwde EVF
  • SD
  • Optionele GPS accessoire

V3_10_30_PD_LCD_3

Grappig detail: de knoppen kantelen ook mee op het scherm

 Specificatievergelijking

Nikon 1 V3 Nikon 1 V2
ISO 160-12800 160-6400
Monitor Resolution 1,037,000 dots 921,000 dots
Storage Media microSD (micro Secure Digital)
microSDHC
microSDXC memory cards
SD
SDHC
SDXC
Effective Pixels 18.4million 14.2million
Card Slot 1 micro secure digital 1 Secure Digital (SD)
GPS Optional GP-N100 GPS unit
Approx. Weight 324g (body) 278g (body)
Movie HD: 1920 x 1080/60p
HD: 1920 x 1080/30p
HD: 1280 x 720/60p
HD: 1280 x 720/30p
1280 x 720/120 fps (aspect ratio 16:9; plays at 30p/29.97 fps)
768 x 288/400 fps (aspect ratio 8:3; plays at 30p/29.97 fps)
416 x 144/1200 fps (aspect ratio 8:3; plays at 30p/29.97 fps)
Motion Snapshot: 1920 x 1080/60p (plays at 23.976fps)
Fast-motion, jump-cut, and 4-second movies (aspect ratio 16:9)
1920 x 1080/60p (59.94fps) (plays at 24p/23.976fps)
Audio file format: ACC
Movie file format: MOV
HD: 1920 x 1080/60i
HD: 1920 x 1080/30p
HD: 1280 x 720/60p
Slow-motion: 640 x 240/400fps
Slow-motion: 320 x 120/1200fps
Motion Snapshot: 1920 x 1080/60p (plays at 24p)
Audio file format: ACC
Movie file format: MOV
Top Continuous Shooting Speed at full resolution 10/20frames per secondwith AF; 30/60 fps with focus locked on first frame 5frames per second(Mechanical Shutter), 10, 15, 30 or 60 fps (Electronic Shutter)
Other modes: Up to 5 fps (single AF or manual focus, S Shutter- priority auto or M Manual exposre mode, shutter speed 1/250 sec or faster, and other settings at default values)

Optionele grip

Naast de optionele EVF is er ook nog een losse grip te koop. De GR-N1010 kost € 182 en voegt een extra ontspanknop toe evenals een Fn3 knop.

124544-fdd4855d-b760-4c52-86f3-0ecdecbcc672-v3_10_30_pd_dfn1000_grn1010_top-large-1394621590

Nikon 1 V3: 20 bps, 171 af-punten, kantelbaar scherm en externe EVF

Nikon heeft een opvolger uitgebracht van de Nikon 1 V2 die tevens ook meteen de positie van topmodel overneemt binnen haar systeemcamera-gamma. De Nikon 1 V3 legt de lat weer een stukje hoger als we de specificaties zo zien. Nikon zelf claimt dat het de allersnelste camera is van dit moment. Hij kan 20 foto’s per seconde maken met behoud van continue autofocus. Wanneer alleen scherpgesteld wordt voor de eerste foto kan de camera zelfs 60 bps halen. Het vrij rappe scherpstelsysteem op basis van contrastdetectie én geïntegreerde autofocusdiodes is nog verder verbeterd. De sensor bevat nu 171 af-diodes, voorheen waren dat er 135.  Dat zou vooral actiefotografie en het filmen van een bewegend onderwerp (met continue autofocus) ten goede komen.

124557-da2354d7-075c-4d2a-bb3b-c04dc19a5868-v3_10_100_dfn1000_grn1010_frt34r-large-1394621694

Nieuwe sensor, kantelbaar scherm, EVF en wifi

Er wordt een nieuwe sensor gebruikt met een resolutie van 18,4 megapixels (CX-formaat / 1 inch) die ISO 160 tot 12.800 ondersteund. Opvallend aan deze sensor is dat hij geen low-pass filter heeft, wat de scherpte ten goede zou komen. Ruis op hoge lichtgevoeligheden en het dynamisch bereik zou verder zijn verbeterd dankzij de nieuwe Expeed 4A beeldprocessor. Voor het eerst in de Nikon 1-serie is er nu ook een model met een kantelbaar lcd-scherm. Het scherm van de Nikon 1 V3 is niet alleen kantelbaar, maar ook aanraakgevoelig om de bediening te vergemakkelijken. Ook is wifi nu aanwezig, waardoor de camera nu via een smartphone te bedienen is. De EVF zit voortaan niet meer ingebouwd, maar is een losse (optionele) accessoire met 2,4 miljoen dots. Wifi en een kantelbaar scherm waren tot nu toe opvallend afwezige specificaties van de Nikon 1 serie. Het merendeel van de concurrerende systeemcamera’s beschikt hier wel over.

Ook nieuw is een uiterst compacte nieuwe kitlens met motorgestuurde elektronische zoom.

124544-fdd4855d-b760-4c52-86f3-0ecdecbcc672-v3_10_30_pd_dfn1000_grn1010_top-large-1394621590

Prijs en beschikbaarheid

De Nikon 1 V3 met de 1 Nikkor VR 10-30mm f/3.5-5.6 PD-ZOOM is naar verwachting verkrijgbaar vanaf 17 april 2014 voor een adviesprijs van € 969,-. De adviesprijs van de body bedraagt € 869,-.

[alert style=”grey”]

PERSBERiCHT

Vandaag voegt Nikon de gloednieuwe Nikon 1 V3 toe aan hun assortiment revolutionaire Nikon 1-systeemcamera’s. De Nikon 1 V3 is met zijn continu-opnamen van 20 beelden per seconde mét autofocus ’s werelds snelste* systeemcamera. Met zijn professionele, supersnelle prestaties en draagbare behuizing is deze camera altijd klaar om actie vast te leggen.

Details
De Nikon 1 V3 is ontworpen voor serieuze fotografen die snelheid, kracht en betrouwbaarheid eisen. Ervaar de ongelooflijk snelle continu-opnamen met een snelheid tot wel 60 beelden per seconde. Zelfs bij continue autofocus biedt de Nikon 1 V3 zeer hoge continu-opnamesnelheden tot 20 beelden per seconde, waardoor verrassende momenten in een fractie van een seconde met uiterste precisie kunnen worden vastgelegd. Nikon’s baanbrekende hybride AF-systeem heeft maar liefst 171 autofocuspunten die razendsnel op de actie scherpstellen. De grote CMOS-sensor van 18,4 megapixels met ISO 160-12.800 zorgt voor prachtig gedetailleerde resultaten en de nieuwe EXPEED 4A-beeldprocessor verhoogt de algehele prestaties en geeft de camera een baanbrekende snelheid en groot dynamisch bereik.

Als eerste Nikon 1-camera heeft de Nikon 1 V3 een zeer gevoelig en kantelbaar aanraakscherm. Dankzij de ingebouwde Wi-Fi heeft u de vrijheid om uw beelden direct via uw smart-apparaat te delen of om uw camera op afstand te bedienen. De Nikon 1 V3 is een slimme keus om snel en probleemloos te filmen. De bestaande Nikon 1-voordelen op filmgebied zijn in deze camera uitgebreid met een reeks nieuwe filmstanden die meer instelmogelijkheden over het eindresultaat bieden.

Samen met de Nikon 1 V3 worden een nieuw 1 NIKKOR-superteleobjectief en een uiterst compact kitobjectief met motorgestuurde zoom uitgebracht, die Nikon 1-fotografen in elke situatie een creatief voordeel geven.

Matthieu van Vliet, Country Manager Nikon Nederland, merkt op: “De zeer snelle Nikon 1 V3 is het antwoord op de eisen van fotografen die niets aan het toeval willen overlaten. Dit is een systeemcamera met supersnelle prestaties en hoge beeldkwaliteit. Zijn kleine, robuuste bouw en verbeterde ontwerp leveren de ultieme creatieve controle in draagbare vorm. Fotografen en filmers die meer magie in de details willen stoppen, zullen de vrijheid van compositie waarderen die het kantelbare aanraakscherm en de optionele elektronische zoeker bieden.”

Razendsnelle professionele prestaties

De Nikon 1 V3 is ontwikkeld voor fotografen die geen actie aan zich voorbij te laten gaan en biedt opname na opname hoge prestaties en kwaliteit van professioneel niveau. De grote CX-formaat CMOS-sensor van 18,4 megapixels heeft geen optisch laagdoorlaatfilter, zodat elke pixel optimaal wordt benut. Zelfs de fijnste patronen worden in scherp detail vastgelegd en het grote ISO-bereik van 160-12.800 zorgt voor smetteloze beelden bij weinig licht. De Nikon 1 V3 biedt zeer hoge continu-opnamesnelheden tot 20 beelden per seconde met continue autofocus. Als de scherpstelling is vastgezet in het eerste beeld, kan de camera 40 opnamen in RAW maken met een snelheid van 60 bps. De nieuwe EXPEED 4A-beeldprocessor is de motor achter deze buitengewone snelheid en beeldkwaliteit en herbergt twee krachtige processoren: de ene zorgt ervoor dat snelle schrijftijden met gemak worden gerealiseerd en de andere zorgt voor superieure ruisonderdrukking, buitengewone scherpte en rijk geschakeerde afbeeldingen. Hoe snel de actie zich ook ontvouwt, de baanbrekende hybride AF van Nikon 1 heeft nu 171 autofocuspunten (eerder waren dat 135 punten) om snel op het onderwerp scherp te stellen. Er zijn maar liefst 105 AF-punten met fasedetectie op gelijke afstand over het midden van het beeld verdeeld voor een uitstekende scherpstelling bij acties en voor scherpe filmopnamen. AF-punten voor contrastdetectie lopen tot aan de rand van het beeld en zorgen voor opmerkelijk scherpe details, ook bij moeilijke lichtomstandigheden.

Betrouwbare en nauwkeurige controle

Bij de Nikon 1 V3 draait alles om vrijheid van compositie. De camera is zo ontworpen dat u alles nauwkeurig kunt instellen en opnamen kunt maken zonder uw ogen van het onderwerp te halen. Hiervoor beschikt u over een hoofdinstelschijf en een secundaire instelschijf, twee programmeerbare functieknoppen en een functieknop voor snelle toegang tot het menu. Het dunne kantelbare scherm heeft een zeer gevoelig aanraakscherm waarmee u kunt scherpstellen en afdrukken, belangrijke instellingen kunt aanpassen of een voorbeeld van creatieve functies kunt bekijken door eenvoudig de LCD-monitor van 7,5 cm (3,0 inch) met 1.037.000 beeldpunten aan te raken. U kunt gemakkelijk het aanraakscherm uitschakelen of de camera instellen op gecombineerde aanraak- en knopbediening. De nieuwe optionele Nikon 1 DF-N1000 elektronische zoeker biedt een beelddekking van ong. 100% voor een nog grotere precisie. Deze afneembare elektronische zoeker met 2.359.000 beeldpunten heeft een hoog contrast en een hoog oplossend vermogen, geeft belangrijke opname-informatie weer en kan onderwerpen uitvergroten voor een nauwkeurige, handmatige scherpstelling. De optionele GR-N1010 grip heeft onder een hoek geplaatste bedieningsknoppen waardoor de ontspanknop makkelijker bereikbaar is voor een betere stabiliteit tijdens opnamen met een teleobjectief en heeft ook een derde programmeerbare functieknop en een secundaire instelschijf.

Films van professionele kwaliteit

De Nikon 1 V3 is de perfecte filmpartner, ideaal wanneer u licht bepakt, snel en discreet wilt filmen. Het hybride autofocussysteem met snelle accurate fasedetectie-AF garandeert vloeiende videoacties en volgt het onderwerp nauwkeurig. U kunt direct met filmen beginnen door op de opnameknop te drukken of eerst handmatig de belichting en ISO-instelling aanpassen. De elektronische VR (E-VR) staat garant voor scherpe beelden in HD-films die zijn gemaakt met 1080/30p of 720/30p. U kunt dramatische effecten creëren met Slow Motion, een functie die een drie seconden durende HD-filmclip met 120 bps terugspeelt in 12 seconden.

Nieuwe creatieve filmstanden die hun debuut maken in de Nikon 1 V3 zijn Versneld afspelen, Jump-cut en 4-secondenfilm. Net als bij alle Nikon 1-camera’s kunt u tijdens het filmen hogeresolutiefoto’s maken door eenvoudig op de ontspanknop te drukken of door Nikon’s nieuwe functie Automatische beeldopname te gebruiken. Deze functie, die voor het eerst beschikbaar is op de Nikon 1 V3, analyseert elk beeld en maakt een foto wanneer de omstandigheden optimaal zijn.

Nikon 1-innovaties

Originele Nikon 1-innovaties bieden snelle en makkelijke manieren om altijd de beste opname te maken en veranderen gewone opnamen in de camera in iets bijzonders. De geprezen stand Beste moment vastleggen beschikt nu ook over Nikon’s nieuwe functie Actieve selectie, die tot 40 hogeresolutiebeelden in minder dan een seconde neemt en u laat kiezen welke bewaard moet blijven. De gloednieuwe optie Creatief palet, beschikbaar in de stand Creatief van de camera, biedt een nieuwe manier om artistieke filters op foto’s toe te passen voor u de opname maakt. Creatief palet past de helderheid, verzadiging en witbalans aan terwijl het door verschillende effecten bladert. Het enige wat u hoeft te doen is uw vinger over de ring op het aanraakscherm te bewegen of aan de multi-selector te draaien, zodat het beeld op de monitor verandert en u ziet wat u vastlegt op het moment dat u afdrukt. De gemakkelijk toegankelijke geheugenkaartsleuf zorgt dat eenvoudig een microSD-geheugenkaart geplaatst kan worden.

Nieuwe 1 NIKKOR-objectieven

Samen met de Nikon 1 V3 worden twee nieuwe 1 NIKKOR-objectieven uitgebracht. Het krachtige 1 NIKKOR VR 70-300mm f/4.5-5.6 superteleobjectief met Super ED-glas en Nano Crystal Coat geeft fotografen de vrijheid snelle, smetteloze superteleopnamen te maken zonder statief. Het 1 NIKKOR VR 10-30mm f/3.5-5.6 PD-ZOOM-objectief is voor het eerst als kitobjectief voor de Nikon 1 V3 verkrijgbaar en levert snelheid, flexibiliteit en een ongeëvenaarde beeldkwaliteit, rechtstreeks uit de verpakking. Dit platte zoomobjectief is uitgerust met een automatische elektronische objectiefbescherming en een intrekbaar objectiefmechanisme. Hiermee legt u zelfs de meest onverwachte foto- of filmmomenten zonder vertraging vast.

Overzicht van belangrijke kenmerken:

Grote CMOS-sensor van 18,4 megapixels: snelle CX-formaat sensor, ontworpen zonder laagdoorlaatfilter. Legt fijne patronen scherp vast en levert smetteloze, heldere beelden op.

ISO 160-12.800: automatische ISO heeft een bereik van 160-6400 en de gevoeligheid kan tot ISO 12.800 worden verhoogd. Twee geavanceerde ruisonderdrukkingsinstellingen verminderen ruis wanneer met ISO 6400 of 12.800 wordt gefotografeerd.

EXPEED 4A: hiermee kunt u spectaculaire foto’s en HD-films met hoge snelheid blijven maken.

Wi-Fi: De Wi-Fi-functie verbindt de camera rechtstreeks met een smartapparaat, zodat u foto’s kunt delen direct nadat u ze hebt gemaakt. Of bedien uw camera op afstand met uw smart-apparaat.

Professionele controle: hoofd- en secundaire instelschijf, twee programmeerbare functieknoppen en PSAM-opnamestanden.

Bediening via een touchscreen: touchscreen LCD-monitor van 7,5 cm (3,0 inch) met 1.037.000 beeldpunten.

Geavanceerde hybride AF: AF-systeem met 171 punten. Heeft 105 fasedetectiepunten die snel en nauwkeurig op de actie scherpstellen.

Bliksemsnelle beelden per seconde: maak beelden tot 20 bps met continue AF of maak 40 RAW-foto’s met 60 bps als de scherpstelling is vastgezet in het eerste beeld.

Films van professionele kwaliteit: Full HD-films (1080p) (beeldverhouding 16:9) met een beeldsnelheid van 60p/30p en volledig handmatige controle over instellingen. Elektronische VR levert scherpe beelden voor HD-films die zijn opgenomen met 1080/30p of 720/30p. Neem hogeresolutiefoto’s tijdens het filmen en bekijk HD-films die met 120 bps zijn opgenomen in extreme slow motion.

Virtuele horizon: u kunt de horizontale kanteling en de verticale kanteling (naar voren en naar achteren) controleren op de LCD-monitor of via de externe zoeker.

Weergave van hoge lichten: wijst op mogelijke belichtingsproblemen tijdens de weergave.

Nikon 1-innovaties: Beste moment opname (met de nieuwe opties Actieve selectie, Slimme fotoselectie en Trage weergave),Bewegingssnapshot.

Creatief palet: pas voorafgaand aan de opname artistieke filters toe op foto’s via het touchscreen of de multi-selector van de camera.

Gemakkelijk toegankelijke geheugenkaartsleuf: maakt het eenvoudig een microSD-geheugenkaart te plaatsen.

Speciale optionele accessoires:

•DF-N1000 EVF: afneembare elektronische zoeker met 2.359.000 beeldpunten. Met een hoog contrast, een hoog oplossend vermogen en een beelddekking van bijna 100%.
•GR-N1010 grip: geeft stabiliteit aan de camera voor betrouwbare telefotoresultaten. Biedt een extra programmeerbare functieknop, secundaire instelschijf en ontspanknop.
•SB-N7 Speedlight: een compacte en krachtige flitser.
•FT1 vattingadapter: maakt het mogelijk een NIKKOR D-SLR-objectief op een Nikon 1-camera te gebruiken.
Meegeleverde accessoires:

•EN-EL20a oplaadbare Li-ion accu
•MH-29 acculader
•UC-E20 Micro USB-kabel
•AN-N1000 draagriem
•Nikon 1 objectief- en bodydoppen en afdekkapje voor de flitsschoen
•Bijgeleverde software: View NX2
*Gemeten bij digitale camera’s met verwisselbare lenzen beschikbaar op 10 februari 2014, op basis van Nikon onderzoek

[/alert]

Lichtlek in Sony A7 en A7R

Er is een lichtlek ontdekt rondom de vatting van de Sony A7 en A7r. Het probleem is zichtbaar wanneer er flitsers aan weerszijden van het toestel worden opgesteld en een foto wordt gemaakt met de lenskap op de lens (ISO 1600). In de rechterhoek van de foto is dan licht te zien, terwijl de opname helemaal donker zou moeten zijn. Wanneer er een vinger aan de linkerkant van de vatting (vanaf de achterzijde gezien) wordt gehouden is het licht niet zichtbaar, wat er op duidt dat de vatting licht naar binnen lekt.

Toch lijkt het lichtlek minder ernstig dan die van de Canon 5D Mark III. Daar kwam licht naar binnen via het lcd-scherm, waardoor de belichting negatief kon worden beïnvloed, zelfs door het interne lampje van het lcd-scherm. Sony Korea meldde dat het probleem onderzocht wordt, maar ziet tot nu toe geen groot probleem.